Gerelateerd aan Jeremia 28:11

Gerelateerd aan Jeremia 28:11

Spreuken 14:7

Blijf uit de buurt van een dwaas, er komt geen verstandig woord over zijn lippen.
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

Jeremia 29:9

Wat ze jullie in mijn naam profeteren zijn leugens. Ik heb hen niet gezonden-spreekt de HEER.
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

1 Koningen 22:6

De koning van Israël ontbood vierhonderd profeten en vroeg hun: 'Zal ik tegen Ramot in Gilead ten strijde trekken, of kan ik er beter van afzien?' 'Trek op, 'antwoordden ze. 'De Heer zal u de stad in handen geven.'
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

Jeremia 23:17

Tegen hen die mij minachten durven ze te zeggen: “De HEER zegt dat het jullie goed zal gaan.” En tegen ieder die zich door zijn koppige hart laat leiden zeggen ze: “Nee, onheil blijft je bespaard.”
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

2 Kronieken 18:22

Welnu, zo heeft de HEER in de mond van deze profeten van u leugens gelegd. Hij heeft het juist slecht met u voor.'
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

Jeremia 28:2

‘Dit zegt de HEER van de hemelse machten, de God van Israël: Ik ga het juk van de koning van Babylonië breken.
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

2 Kronieken 18:10

Sidkia, de zoon van Kenaäna, had twee ijzeren horens gemaakt en zei: 'Dit zegt de HEER: Met deze horens zult u de Arameeërs neerslaan, tot u ze allemaal verslagen hebt.'
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

1 Koningen 13:18

'Maar ik ben ook een profeet, net als u, 'voerde de ander aan. 'En tegen mij heeft een engel in opdracht van de HEER gezegd: "Neem hem mee terug naar je huis en laat hem wat eten en drinken."' Zo loog hij hem voor,
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

Jeremia 27:2

De HEER zei tegen mij: ‘Maak jukken met riemen en leg die op je nek.
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

Jeremia 14:14

De HEER antwoordde: ‘Die profeten verkondigen leugens, en dat in mijn naam. Ik heb hen niet gezonden, hun niets opgedragen, niet tot hen gesproken. De visioenen die ze profeteren zijn leugens, waarzeggerij, holle woorden en eigen verzinsels.
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

1 Koningen 22:11

Sidkia, de zoon van Kenaäna, had twee ijzeren horens gemaakt en zei: 'Dit zegt de HEER: Met deze horens zult u de Arameeërs neerslaan, tot u ze allemaal verslagen hebt.'
Gerelateerd aan Jeremia 28:11

Ezechiel 13:7

(7-8) Is het niet zo-zegt God, de HEER -dat jullie visioenen bedrieglijk zijn en jullie voorspellingen vals? Jullie zeggen: 'Zo spreekt de HEER ...,'terwijl ik niets heb gezegd! Omdat jullie woorden bedrieglijk zijn en jullie visioenen vals, zal ik jullie straffen-spreekt God, de HEER.