Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Jesaja 11:11
Op die dag heft de Heer opnieuw zijn hand op om de overlevenden van zijn volk vrij te kopen uit Assyrië en Egypte, uit Patros, Nubië en Elam, uit Sinear en Hamat, en van de eilanden in zee.
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Genesis 10:22
Zonen van Sem: Elam, Assur, Arpachsad, Lud en Aram.
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Jeremia 49:34
De HEER richtte tot de profeet Jeremia de volgende woorden over Elam, in het begin van de regering van koning Sedekia van Juda:
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Jesaja 13:17
Ik zet tegen hen de Meden op, die niet om zilver geven, noch zich door goud laten verleiden.
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Jeremia 51:28
Bereid vele volken voor op de strijd, de koning van Medië, bestuurders en bevelhebbers, allen in het rijk waarover hij heerst.
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Jeremia 51:11
De HEER heeft de koning van Medië aangevuurd, zijn doel is de vernietiging van Babel. Dit is de wraak van de HEER, hij wreekt zijn tempel. Mannen, scherp de pijlen, vul de kokers.
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Daniel 5:28
peres -uw koninkrijk is verdeeld en aan de Meden en de Perzen gegeven.'
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Ezechiel 32:24
Daar ligt Elam, met heel het volk rondom het graf van de koning, allemaal zijn ze gesneuveld, gevallen door het zwaard. Als onbesnedenen zijn ze afgedaald naar de onderwereld-eens zaaiden ze angst in het land van de levenden, nu moeten ze hun schande dragen met degenen die in het graf zijn afgedaald.
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Genesis 25:2
Zij baarde hem Zimran, Joksan, Medan, Midjan, Jisbak en Suach.
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Genesis 14:1
Toen Amrafel koning van Sinear was, Arjoch koning van Ellasar, Kedorlaomer koning van Elam en Tidal koning van Goïm,
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Daniel 8:2
In dat visioen-ik bevond me op dat moment in de burcht van Susa, in de provincie Elam-stond ik bij het Ulaikanaal.
Gerelateerd aan Jeremia 25:25
Jesaja 22:6
Elam had de pijlkoker gegrepen, de strijdwagens en de ruiters stonden gereed, Kir had het schild geheven.