Gerelateerd aan Jakobus 2:2

Gerelateerd aan Jakobus 2:2

Esther 3:10

De koning deed zijn zegelring af en gaf die aan Haman, de zoon van Hammedata, de nakomeling van Agag, de vijand van de Joden.
Gerelateerd aan Jakobus 2:2

Esther 8:2

De koning deed de zegelring af die hij Haman had afgenomen en gaf die aan Mordechai. En Ester gaf Mordechai het beheer over Hamans bezittingen.
Gerelateerd aan Jakobus 2:2

Zacharia 3:3

Nu was Jozua in vuile kleren voor de engel verschenen.
Gerelateerd aan Jakobus 2:2

Lukas 15:22

Maar de vader zei tegen zijn knechten: “Haal vlug het mooiste gewaad en trek het hem aan, doe hem een ring aan zijn vinger en geef hem sandalen.
Gerelateerd aan Jakobus 2:2

Genesis 27:15

Toen pakte Rebekka kleren van haar oudste zoon Esau, de kostbaarste die ze kon vinden, en die liet ze haar jongste zoon Jakob aantrekken.
Gerelateerd aan Jakobus 2:2

Mattheüs 11:8

Wat zijn jullie dan gaan zien? Een mens die rijk gekleed ging? Welnee, wie rijk gekleed is, verkeert in koninklijke kringen.
Gerelateerd aan Jakobus 2:2

Jesaja 64:6

Er is niemand die uw naam aanroept, die zich ertoe zet uw hand te grijpen. U hebt uw gelaat voor ons verborgen, u hebt ons moedeloos gemaakt en ons overgeleverd aan ons eigen wangedrag.