Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Genesis 5:21

Toen Henoch 65 jaar was, verwekte hij Metuselach.
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

2 Koningen 2:11

En terwijl ze liepen te praten, werden ze plotseling uit elkaar gedreven door een wagen van vuur, met paarden van vuur ervoor, en Elia werd in een stormwind meegevoerd naar de hemel.
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Judas 1:14

Zij zijn het ook over wie Henoch, de zevende vanaf Adam, geprofeteerd heeft toen hij zei: 'Ik zie de Heer komen met zijn heilige tienduizendtallen
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Johannes 8:51

Waarachtig, ik verzeker u: als iemand mijn woord bewaart zal hij de dood nooit zien.’
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

2 Koningen 2:16

en zeiden: 'We hebben vijftig flinke mannen bij ons. Laat die uw meester gaan zoeken. Misschien heeft een geest van de HEER hem opgetild en ergens op een berg of in een dal neergeworpen.' 'Doe dat niet, 'zei Elisa,
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Hebreeën 11:6

Zonder geloof is het onmogelijk God vreugde te geven; wie hem wil naderen moet immers geloven dat hij bestaat, en wie hem zoekt zal door hem worden beloond.
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Psalmen 89:48

(89:49) Leeft er iemand die de dood niet zal zien, die ontkomt aan de greep van het dodenrijk? sela
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Openbaring 11:9

Gedurende drieëneenhalve dag komen er mensen uit alle landen en volken, van elke stam en taal, om hun lijken te zien, en zij dulden niet dat ze begraven worden.
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Romeinen 8:8

Wie zich door zijn eigen wil laat leiden, kan God niet behagen.
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Hebreeën 11:3

Door geloof komen we tot het inzicht dat de wereld door het woord van God geordend is, dat dus het zichtbare is ontstaan uit het niet-zichtbare.
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Lukas 3:37

de zoon van Metuselach, de zoon van Henoch, de zoon van Jered, de zoon van Mahalalel, de zoon van Kenan,
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

1 Johannes 3:22

en ontvangen we van hem wat we maar vragen, omdat we ons aan zijn geboden houden en doen wat hij wil.
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

1 Thessalonicensen 2:4

Wij spreken alleen omdat God ons daartoe waardig heeft gekeurd en ons het evangelie heeft toevertrouwd-niet om mensen te behagen, maar God, die de mensen doorgrondt.
Gerelateerd aan Hebreeën 11:5

Jeremia 36:26

Hij beval Jerachmeël, een lid van de koninklijke familie, Seraja, de zoon van Azriël, en Selemja, de zoon van Abdiël, om de schrijver Baruch en de profeet Jeremia gevangen te nemen. Maar de HEER gaf hun een schuilplaats.