SV
27Gelooft gij, o koning Agrippa, de profeten? Ik weet dat gij ze gelooft.
28En Agrippa zeide tot Paulus: Gij beweegt mij bijna een Christen te worden.
29En Paulus zeide: Ik wenste wel van God, dat, en bijna en geheellijk, niet alleen gij, maar ook allen, die mij heden horen, zodanigen wierden, gelijk als ik ben, uitgenomen deze banden.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637