Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Handelingen 11:30

en lieten hun gift door Barnabas en Saulus naar de oudsten brengen.
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Handelingen 15:13

Toen ze waren uitgesproken, nam Jakobus het woord. Hij zei: ‘Broeders, luister.
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Mattheüs 10:2

Dit zijn de namen van de twaalf apostelen: als eerste Simon, die Petrus genoemd wordt, en zijn broer Andreas, Jakobus, de zoon van Zebedeüs, en zijn broer Johannes,
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Handelingen 15:23

Men gaf hun een brief mee met de volgende inhoud: ‘Van de apostelen en de oudsten. Aan hun broeders en zusters in Antiochië, Syrië en Cilicië die uit de heidense volken afkomstig zijn: gegroet!
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Handelingen 15:6

De apostelen en de oudsten kwamen bijeen om nader op deze zaak in te gaan.
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Handelingen 20:17

Vanuit Milete stuurde hij iemand naar Efeze met het verzoek aan de oudsten van de gemeente om bij hem te komen.
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Galaten 2:9

en ze dus de genade onderkenden die mij geschonken was, toen reikten Jakobus, Kefas en Johannes, die als steunpilaren golden, mij en Barnabas de broederhand: wij zouden naar de heidenen gaan, zij naar de besnedenen.
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Handelingen 12:17

Hij gebaarde dat ze moesten zwijgen en legde uit hoe de Heer hem uit de gevangenis had bevrijd. Daarna zei hij: ‘Stel Jakobus en de anderen hiervan op de hoogte.’ Toen vertrok hij naar elders.
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Handelingen 15:2

Dit leidde tot grote onenigheid met Paulus en Barnabas en mondde uit in een felle woordenstrijd. Besloten werd dat Paulus en Barnabas, samen met enkele andere leerlingen, naar Jeruzalem zouden gaan om deze kwestie voor te leggen aan de apostelen en de oudsten.
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Galaten 1:19

Maar van de overige apostelen heb ik niemand gezien, behalve Jakobus, de broer van de Heer.
Gerelateerd aan Handelingen 21:18

Jakobus 1:1

Van Jakobus, dienaar van God en van de Heer Jezus Christus. Aan de twaalf stammen in de diaspora. Ik groet u.