Gerelateerd aan Habakuk 1:6-11
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
2 Koningen 24:2
stuurde de HEER benden Chaldeeën, Arameeërs, Moabieten en Ammonieten op hem af, die hij Juda liet binnenvallen om het te vernietigen, zoals hij bij monde van zijn dienaren, de profeten, had voorzegd.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jeremia 5:15
Israël, ik stuur een volk uit verre streken op je af- spreekt de HEER. Dat volk is taai, dat volk is eeuwenoud, het spreekt een taal die je niet kent, je kunt hun woorden niet verstaan.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jeremia 25:9
zal ik alle volken van het noorden met mijn dienaar, koning Nebukadnessar van Babylonië, ontbieden-spreekt de HEER. Ik stuur ze op de inwoners van dit land af en op alle omringende volken. Ik breng alle inwoners om; ze zullen afschuw en ontzetting wekken, en dit land zal voor altijd in puin liggen.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jeremia 21:4
Dit zegt de HEER, de God van Israël: Ik zal jullie dwingen je niet langer buiten, maar binnen de muren van de stad tegen de koning van Babylonië en de Chaldeeën te verdedigen.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jeremia 6:22
Dit zegt de HEER: Er komt een volk uit het noorden, een grote overmacht. Ze komen van de einden der aarde, worden aangevuurd tot de strijd.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
2 Kronieken 36:17
Toen stuurde hij de koning van de Chaldeeën op hen af, die hun uitgelezen mannen ombracht in hun heilige tempel. Niemand werd gespaard; jonge mannen en vrouwen, oude mensen en ook hoogbejaarden werden aan de koning uitgeleverd.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jesaja 39:6
Het duurt niet lang meer, of alles wat zich in uw paleis bevindt, alles wat uw voorouders tot nu toe hebben vergaard, zal naar Babel worden weggesleept. Er blijft niets van over-zegt de HEER.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Deuteronomium 28:49
Zoals een arend onverwacht opdoemt, zo zal uit de verste uithoek van de wereld een volk op u afkomen. De HEER stuurt een volk dat een onverstaanbare taal spreekt
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
2 Kronieken 36:6
Koning Nebukadnessar van Babylonië trok tegen hem ten strijde, nam hem gevangen en voerde hem, geboeid met bronzen ketenen, mee naar Babel.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jeremia 4:8
Hul je daarom in het zwart, weeklaag, barst uit in jammerklachten. Onstuitbaar is de brandende toorn van de HEER.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jeremia 1:15
Ik roep de volken van alle koninkrijken uit het noorden op-spreekt de HEER. Ze zullen dit land binnenvallen en hun tronen voor de poorten van Jeruzalem zetten, rondom de muren en om alle andere steden van Juda.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jesaja 23:13
Wat was het lot van het land der Chaldeeën? Van heel dat volk is niets overgebleven. Assyrië heeft hun gebied bestemd voor woestijndieren. Er werden daar stormtorens opgesteld, en nu zijn hun paleizen verwoest, het is één troosteloze ruïne.
Gerelateerd aan Habakuk 1:6
Jeremia 4:6
Wijs met de strijdvaan naar Sion! Vlucht, blijf niet staan!” Want ik breng onheil uit het noorden, een grote ramp!
Gerelateerd aan Habakuk 1:7
Jeremia 39:5
maar het Chaldese leger zette de achtervolging in en haalde hem in op de vlakte van Jericho. Ze namen hem gevangen, brachten hem naar Ribla in Hamat, naar koning Nebukadnessar van Babylonië, en daar werd hij berecht.
Gerelateerd aan Habakuk 1:7
Deuteronomium 5:19
Steel niet.
Gerelateerd aan Habakuk 1:7
Deuteronomium 5:27
Kunt u niet gaan om te horen wat de HEER zeggen wil? Als u zijn woorden dan aan ons overbrengt, zullen wij luisteren en ernaar handelen.’
Gerelateerd aan Habakuk 1:7
Jeremia 52:9
en de koning zelf namen ze gevangen. Ze brachten hem naar Ribla in Hamat, naar de koning van Babylonië, en die berechtte hem.
Gerelateerd aan Habakuk 1:7
Jesaja 18:7
In die tijd worden geschenken gebracht aan de HEER van de hemelse machten door het rijzige volk met glanzende huid, door het alom gevreesde volk, een volk van tirannen en geweldenaars, uit een land van rivieren doorsneden. Zij komen naar de Sion, waar de naam woont van de HEER van de hemelse machten.
Gerelateerd aan Habakuk 1:7
Jeremia 52:25
En uit de stad haalde hij de raadsheer die belast was met oorlogszaken, zeven van de raadsheren die vrij toegang hadden tot de koning, de secretaris van de opperbevelhebber, die het volk onder de wapenen riep, en zestig mensen uit het gewone volk.
Gerelateerd aan Habakuk 1:8
Jeremia 4:13
Daar doemt de vijand op, als een jagende wolk, zijn wagens razen als een wervelwind, zijn paarden gaan sneller dan adelaars. “Wee ons! Het is met ons gedaan.”
1
2
3
4