Gerelateerd aan Genesis 47:4
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Genesis 46:34
dan moeten jullie hem beleefd antwoorden dat jullie al van jongs af aan veefokkers zijn, net als jullie voorouders. Dan zullen jullie je wel hier in Gosen mogen vestigen, want de Egyptenaren hebben een afschuw van schaapherders.’
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Genesis 15:13
Toen zei de HEER: ‘Wees ervan doordrongen dat je nakomelingen als vreemdeling zullen wonen in een land dat niet van hen is en dat ze daar slaaf zullen zijn en onderdrukt zullen worden, vierhonderd jaar lang.
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Deuteronomium 26:5
moet u het volgende voor de HEER belijden: ‘Mijn vader was een zwervende Arameeër. Hij trok naar Egypte en woonde daar als vreemdeling met een handvol mensen, maar ze groeiden uit tot een zeer groot en machtig volk.
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Genesis 43:1
De hongersnood bleef het land teisteren.
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Psalmen 105:23
Israël trok weg naar Egypte, Jakob verbleef als vreemde in het land van Cham.
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Handelingen 7:11
Er brak echter een grote hongersnood uit in Egypte en Kanaän, die veel ellende veroorzaakte, zodat onze voorouders niets meer te eten hadden.
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Jesaja 52:4
Dit zegt God, de HEER: Ooit trok mijn volk naar Egypte om daar als vreemdeling te leven, maar in Assyrië werd het zonder meer uitgebuit.
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Handelingen 7:6
God zei tegen Abraham dat zijn nakomelingen vierhonderd jaar in een vreemd land zouden wonen, waar ze in slavernij zouden leven en slecht behandeld zouden worden.
Gerelateerd aan Genesis 47:4
Genesis 12:10
Eens brak er in het land hongersnood uit. Abram trok naar Egypte om daar tijdelijk te gaan wonen, want de hongersnood was zeer zwaar.