Gerelateerd aan Genesis 37:1

Gerelateerd aan Genesis 37:1

Genesis 17:8

Heel Kanaän, het land waar je nu als vreemdeling woont, zal ik jou en je nakomelingen voor altijd in bezit geven, en ik zal hun God zijn.’
Gerelateerd aan Genesis 37:1

Genesis 36:7

Beiden bezaten namelijk zo veel vee dat het land waar zij toen woonden niet groot genoeg was om bij elkaar te blijven.
Gerelateerd aan Genesis 37:1

Genesis 28:4

Moge hij jou en je nakomelingen de zegen van Abraham geven, zodat je het land waar je nu nog als vreemdeling woont en dat God aan Abraham heeft gegeven, in bezit krijgt.’
Gerelateerd aan Genesis 37:1

Genesis 23:4

‘Ik woon maar als vreemdeling bij u. Geeft u mij hier een eigen graf, dan kan ik mijn overleden vrouw uitdragen en begraven.’
Gerelateerd aan Genesis 37:1

Hebreeën 11:9

Door zijn geloof trok hij naar het land dat hem beloofd was maar hem nog niet toebehoorde. Samen met Isaak en Jakob, mede-erfgenamen van de belofte, woonde hij daar in tenten