Gerelateerd aan Genesis 34:25-26

Gerelateerd aan Genesis 34:25

Genesis 49:5

Simeon en Levi zijn altijd samen, zij beramen niets dan geweld.
Gerelateerd aan Genesis 34:25

Genesis 29:33

Ze werd opnieuw zwanger en bracht nog een zoon ter wereld. ‘De HEER heeft gehoord hoe weinig mijn man van me houdt; daarom heeft hij mij er nog een zoon bij gegeven, ‘zei ze, en ze noemde hem Simeon.
Gerelateerd aan Genesis 34:25

Numeri 31:7

Ze trokken tegen de Midjanieten ten strijde, zoals de HEER Mozes had bevolen, en doodden alle mannen,
Gerelateerd aan Genesis 34:25

Jozua 5:8

Nadat ze allemaal waren besneden, moesten ze in hun tenten blijven tot ze waren genezen.
Gerelateerd aan Genesis 34:25

Spreuken 4:16

Ze gaan niet slapen voor ze kwaad hebben gedaan; wanneer ze anderen niet ten val brengen, worden ze van hun rust beroofd.
Gerelateerd aan Genesis 34:25

2 Kronieken 32:25

Jechizkia was echter zo hoogmoedig geworden dat hij zich niet dankbaar toonde voor de weldaad die hem was bewezen. Zo riep hij Gods toorn over zich af, en ook over heel Juda en Jeruzalem.
Gerelateerd aan Genesis 34:25

Spreuken 6:34

Want door jaloezie ontsteekt een man in woede, als hij wraak kan nemen, doet hij dat meedogenloos.
Gerelateerd aan Genesis 34:25

Jozua 5:6

Want Israël trok veertig jaar door de woestijn, totdat alle weerbare mannen die uit Egypte waren weggetrokken, gestorven waren. Ze hadden niet geluisterd naar de HEER, en daarom had de HEER hun gezworen dat hij hun niet het land zou laten zien dat hij ons zou geven, zoals hij onze voorouders had beloofd: het land dat overvloeit van melk en honing.
Gerelateerd aan Genesis 34:25

Numeri 31:17

Dood daarom alle kinderen van het mannelijk geslacht en alle vrouwen die met een man hebben geslapen,
Gerelateerd aan Genesis 34:26

Deuteronomium 32:42

Mijn pijlen maak ik dronken van het bloed van vijanden, gevallen en gevangen; mijn zwaard verslindt het vlees van hun mannen die zo dreigend hun haren hadden losgeworpen.’”
Gerelateerd aan Genesis 34:26

2 Samuel 2:26

Abner riep Joab toe: 'Moet het zwaard dan blijven verslinden? Dat leidt toch alleen maar tot bittere ellende! Hoe lang zal het nog duren tot u uw mannen beveelt om hun broeders met rust te laten?'
Gerelateerd aan Genesis 34:26

Jesaja 31:8

Dan wordt Assyrië geveld, maar niet door het zwaard van een mens; het wordt verslonden, maar niet door een mensenzwaard. Assyrië zal voor het zwaard op de vlucht gaan en zijn jongemannen zullen dwangarbeid verrichten.