Gerelateerd aan Genesis 30:20

Gerelateerd aan Genesis 30:20

Genesis 49:13

Zebulon, aan de zee zal hij wonen, aan zijn strand de schepen ontvangen. Zijn gebied strekt zich uit tot aan Sidon.
Gerelateerd aan Genesis 30:20

Mattheüs 4:13

Hij liet Nazaret achter zich en ging wonen in Kafarnaüm, aan het Meer van Galilea, in het gebied van Zebulon en Naftali.
Gerelateerd aan Genesis 30:20

Genesis 35:23

Zonen van Lea: Jakobs oudste zoon Ruben, en verder Simeon, Levi, Juda, Issachar en Zebulon.
Gerelateerd aan Genesis 30:20

Genesis 30:15

Maar Lea antwoordde: ‘Is het soms niet genoeg dat je mijn man hebt afgepakt? Wil je nu ook nog de liefdesappels van mijn zoon?’ Rachel zei: ‘In ruil voor de liefdesappels van je zoon mag Jakob vannacht met jou slapen.’
Gerelateerd aan Genesis 30:20

Genesis 46:14

Zonen van Zebulon: Sered, Elon en Jachleël.
Gerelateerd aan Genesis 30:20

Richteren 4:10

Barak riep de mannen van Zebulon en Naftali onder de wapenen en trok aan het hoofd van tienduizend man naar Kedes op. Debora ging met hem mee.
Gerelateerd aan Genesis 30:20

Psalmen 68:27

(68:28) Daar is Benjamin, de jongste, hij opent de rij, daar zijn de vorsten van Juda, uitbundig bijeen, de vorsten van Zebulon, de vorsten van Naftali.
Gerelateerd aan Genesis 30:20

Richteren 5:14

Uit Efraïm kwamen zij die in Amalek wonen en voegden zich bij jou en je verwanten, Benjamin. Uit Machir kwamen aanvoerders, uit Zebulon de leiders van het leger.
Gerelateerd aan Genesis 30:20

Genesis 29:34

En weer werd ze zwanger en bracht ze een zoon ter wereld. ‘Nu ik hem drie zonen heb gebaard, zal mijn man zich eindelijk aan mij hechten, ‘zei ze. Daarom werd hij Levi genoemd.