Gerelateerd aan Genesis 3:7

Gerelateerd aan Genesis 3:7

Genesis 2:25

Beiden waren ze naakt, de mens en zijn vrouw, maar ze schaamden zich niet voor elkaar.
Gerelateerd aan Genesis 3:7

Genesis 3:5

‘Integendeel, God weet dat jullie de ogen zullen opengaan zodra je daarvan eet, dat jullie dan als goden zullen zijn en kennis zullen hebben van goed en kwaad.’
Gerelateerd aan Genesis 3:7

Jesaja 59:6

Hun spinnendraden zijn ongeschikt voor kleding, wat zij maken kan niet worden aangetrokken. Hun daden zijn heilloze daden, hun handen staan naar geweld.
Gerelateerd aan Genesis 3:7

Job 9:29

Ik zal veroordeeld worden; waarom zou ik nog vruchteloos verder zwoegen?
Gerelateerd aan Genesis 3:7

Jesaja 28:20

Het bed is te kort om je op uit te strekken, de deken te smal om je in te wikkelen.
Gerelateerd aan Genesis 3:7

Deuteronomium 28:34

U zult gek worden van alles wat u voor uw ogen ziet gebeuren.
Gerelateerd aan Genesis 3:7

Genesis 3:10

Hij antwoordde: ‘Ik hoorde u in de tuin en werd bang omdat ik naakt ben; daarom verborg ik me.’
Gerelateerd aan Genesis 3:7

2 Koningen 6:20

en daar aangekomen bad hij: 'HEER, open hun ogen en laat hen weer zien.' De HEER opende hun de ogen, en toen zagen ze dat ze zich midden in Samaria bevonden.
Gerelateerd aan Genesis 3:7

Lukas 16:23

Toen hij in het dodenrijk, waar hij hevig gekweld werd, zijn ogen opsloeg, zag hij in de verte Abraham met Lazarus aan zijn zijde.