Gerelateerd aan Genesis 29:12-14

Gerelateerd aan Genesis 29:12

Genesis 24:28

Het meisje rende naar huis, naar haar moeder, en vertelde wat er was gebeurd.
Gerelateerd aan Genesis 29:12

Genesis 13:8

Daarom zei Abram tegen Lot: ‘Waarom zouden we ruziemaken, jij en ik, of jouw herders en de mijne? We zijn toch familie?
Gerelateerd aan Genesis 29:12

Genesis 14:14

Toen Abram hoorde dat zijn neef gevangengenomen was, bracht hij allen op de been die in zijn huis opgegroeid waren en met de wapens konden omgaan-driehonderdachttien in getal-en achtervolgde Kedorlaomer en diens bondgenoten tot aan Dan.
Gerelateerd aan Genesis 29:13

Genesis 24:29

Nu had Rebekka een broer, Laban. Deze haastte zich de stad uit, om naar de man bij de bron te gaan;
Gerelateerd aan Genesis 29:13

Lukas 7:45

Je hebt me niet begroet met een kus; maar zij heeft, sinds ik hier binnenkwam, onophoudelijk mijn voeten gekust.
Gerelateerd aan Genesis 29:13

2 Samuel 19:39

(19:40) Ondertussen stak het leger de Jordaan over. Toen de koning aan de beurt was om over te steken, bedankte hij Barzillai en kuste hem vaarwel. Barzillai ging terug naar zijn woonplaats,
Gerelateerd aan Genesis 29:13

Romeinen 16:16

Groet elkaar met een heilige kus. Alle gemeenten van Christus laten u groeten.
Gerelateerd aan Genesis 29:13

Genesis 45:15

Jozef kuste al zijn broers, terwijl hij zijn tranen de vrije loop liet. Pas toen waren zijn broers in staat iets tegen hem te zeggen.
Gerelateerd aan Genesis 29:13

Exodus 4:27

De HEER had tegen Aäron gezegd: 'Ga de woestijn in, Mozes tegemoet.' Aäron was op weg gegaan en ontmoette Mozes bij de berg van God. Hij kuste hem
Gerelateerd aan Genesis 29:13

Exodus 18:7

Mozes ging zijn schoonvader tegemoet, boog zich voor hem neer en kuste hem. Nadat ze elkaar begroet hadden, gingen ze de tent binnen.
Gerelateerd aan Genesis 29:13

Handelingen 20:37

Niemand kon zijn tranen bedwingen. Allen vielen ze Paulus om de hals en kusten hem.
Gerelateerd aan Genesis 29:13

Kolossensen 4:5

Gedraag u wijs tegenover buitenstaanders en benut iedere gelegenheid,
Gerelateerd aan Genesis 29:14

2 Samuel 19:12

(19:13) U bent mijn broeders, mijn vlees en bloed; waarom zou u de laatsten zijn om de koning terug te halen?"
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Richteren 9:2

'Leg de burgers van Sichem de vraag voor wie ze liever als heerser hebben: de zeventig zonen van Jerubbaäl gezamenlijk of één man, die bovendien hun bloedverwant is.'
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Genesis 2:23

Toen riep de mens uit: ‘Eindelijk een gelijk aan mij, mijn eigen gebeente, mijn eigen vlees, een die zal heten: vrouw, een uit een man gebouwd.’
Gerelateerd aan Genesis 29:14

2 Samuel 5:1

Alle stammen van Israël kwamen bij David in Hebron en zeiden tegen hem: 'Hier zijn we, uw eigen vlees en bloed.
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Genesis 13:8

Daarom zei Abram tegen Lot: ‘Waarom zouden we ruziemaken, jij en ik, of jouw herders en de mijne? We zijn toch familie?
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Genesis 29:12

Zodra hij Rachel had verteld dat hij familie van haar vader was, een zoon van Rebekka, rende ze naar haar vader en vertelde het hem.
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Micha 7:5

Geloof je naaste niet, vertrouw je vriend niet, let op je woorden, ook bij wie er in je armen ligt.
Gerelateerd aan Genesis 29:14

Genesis 29:15

toen deze tegen hem zei: ‘Het is niet nodig dat je voor niets voor mij werkt, alleen omdat je familie van me bent. Zeg me maar wat je loon moet zijn.’
1
2
Volgende