Gerelateerd aan Genesis 19:31
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Jesaja 4:1
Op die dag storten zeven vrouwen zich op één man: ‘Wij zullen zelf voor ons voedsel zorgen en in onze eigen kleding voorzien. Laat ons slechts uw naam dragen, neem de schande van ons weg.’
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Genesis 4:1
De mens, Adam, had gemeenschap met Eva, zijn vrouw, en zij werd zwanger en bracht Kaïn ter wereld. ‘Met de hulp van de HEER, ‘zei ze, ‘heb ik het leven geschonken aan een man!’
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Genesis 16:2
‘Luister, ‘zei Sarai tegen Abram, ‘de HEER houdt mijn moederschoot gesloten. Je moest maar met mijn slavin slapen, misschien kan ik door haar nakomelingen krijgen.’ Abram stemde met haar voorstel in
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Genesis 6:4
In die tijd en ook daarna nog, zolang de zonen van de goden gemeenschap hadden met de dochters van de mensen en kinderen bij hen kregen, leefden de giganten op aarde. Dat zijn de befaamde helden uit het verre verleden.
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Deuteronomium 25:5
Wanneer twee broers bij elkaar wonen en een van hen sterft zonder dat hij een zoon heeft, dan mag zijn weduwe niet de vrouw worden van iemand buiten de familie. Haar zwager moet met haar slapen; hij moet haar tot vrouw nemen en de zwagerplicht tegenover haar vervullen.
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Genesis 16:4
Hij sliep met Hagar en zij werd zwanger. Toen Hagar merkte dat ze zwanger was, verloor ze elk respect voor haar meesteres.
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Genesis 38:8
Toen zei Juda tegen Onan: ‘Vervul je zwagerplicht: trouw met de vrouw van je broer en verwek voor je broer nakomelingen bij haar.’
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Genesis 19:28
Toen hij uitkeek over Sodom en Gomorra en over de hele vallei, zag hij dikke rookwolken van het land opstijgen als uit een smeltoven.
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Genesis 38:14
legde ze haar weduwedracht af, bedekte zich met een sluier zodat ze onherkenbaar was, en ging langs de weg naar Enaïm zitten, een zijweg van de weg naar Timna. Dat deed ze omdat ze nog steeds niet aan Sela tot vrouw was gegeven, hoewel die inmiddels volwassen geworden was.
Gerelateerd aan Genesis 19:31
Markus 9:6
Hij wist niet goed wat hij moest zeggen, want ze waren door schrik overweldigd.