Gerelateerd aan Genesis 13:18
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Genesis 35:27
Ten slotte kwam Jakob terug bij zijn vader Isaak in Mamre, bij Kirjat-Arba, dat nu Hebron heet, de woonplaats van Abraham en van Isaak.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Genesis 14:13
Dit werd door een vluchteling aan Abram gemeld, die bij de eiken van de Amoriet Mamre woonde, de broer van Eskol en Aner; Mamre en zijn broers hadden met de Hebreeër Abram een bondgenootschap gesloten.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Genesis 8:20
Noach bouwde een altaar voor de HEER; daarop bracht hij brandoffers van al het reine vee en alle reine vogels.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Genesis 12:7
Maar de HEER verscheen aan Abram en zei: ‘Ik zal dit land aan jouw nakomelingen geven.’ Toen bouwde Abram op die plaats een altaar voor de HEER, die aan hem verschenen was.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Genesis 18:1
De HEER verscheen opnieuw aan Abraham, bij de eiken van Mamre. Op het heetst van de dag zat Abraham in de ingang van zijn tent.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Psalmen 16:8
Steeds houd ik de HEER voor ogen, met hem aan mijn zijde wankel ik niet.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Genesis 37:14
en Jakob vervolgde: ‘Ga kijken hoe je broers het maken en hoe het met het vee staat, en breng mij dan verslag uit.’ Zo stuurde Jakob hem vanuit de Hebronvallei naar Sichem.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Numeri 13:22
Ze trokken door de Negev en kwamen daarna in de buurt van Hebron, waar de Enakieten Achiman, Sesai en Talmai woonden. (Hebron is zeven jaar eerder gebouwd dan Soan in Egypte.)
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Jozua 14:13
Nadat Kaleb dit had gezegd, zegende Jozua hem en gaf hem Hebron als grondgebied.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Genesis 23:2
Ze stierf in Kirjat-Arba, het huidige Hebron, in Kanaän. Nadat Abraham bij haar gerouwd had en haar had beweend,
Gerelateerd aan Genesis 13:18
Genesis 13:4
en waar hij toen een altaar had gebouwd. Daar riep Abram de naam van de HEER aan.
Gerelateerd aan Genesis 13:18
1 Timotheüs 2:8
Ik wil dat bij iedere samenkomst de mannen met geheven handen bidden, vol toewijding, zonder wrok of onenigheid.