Gerelateerd aan Genesis 12:8

Gerelateerd aan Genesis 12:8

Nehemia 11:31

De Benjaminieten gingen wonen in Geba, Michmas en Ajja, in Betel en de omliggende dorpen,
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Genesis 4:26

Ook Set kreeg een zoon, die hij Enos noemde. In die tijd begon men de naam van de HEER aan te roepen.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Genesis 28:19

Hij gaf die plaats de naam Betel; vroeger heette het daar Luz.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Genesis 21:33

Abraham plantte in Berseba een tamarisk en riep er de naam van de HEER, de eeuwige God, aan.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

1 Korinthe 1:2

Aan de gemeente van God in Korinte, geheiligd door Christus Jezus, aan hen die zijn geroepen om zijn heiligen te zijn, en aan allen die de naam van onze Heer Jezus Christus aanroepen, waar dan ook, bij hen en bij ons.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Jozua 8:17

Er bleef in Ai en Betel niet één man over die niet achter Israël aan ging, maar door de achtervolging in te zetten lieten ze de stad onbeschermd achter.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Jesaja 10:28

Ze rukken op naar Ajjat, ze trekken door Migron; ze laten de legertros bij Michmas achter, met de hele uitrusting.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Jozua 18:22

Bet-Araba, Semaraïm, Betel,
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Romeinen 10:12

En er is geen onderscheid tussen Joden en andere volken, want ze hebben allen dezelfde Heer. Hij geeft zijn rijke gaven aan allen die hem aanroepen,
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Genesis 13:4

en waar hij toen een altaar had gebouwd. Daar riep Abram de naam van de HEER aan.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Genesis 35:3

Laten we naar Betel gaan: daar wil ik een altaar bouwen voor de God die naar mij heeft omgezien toen ik diep in de ellende zat en die mij op mijn hele reis ter zijde heeft gestaan.’
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Jozua 7:2

Jozua stuurde een paar mannen van Jericho naar Ai, dat bij Bet-Awen ligt, ten oosten van Betel. Hij droeg hun op dat gebied te verkennen. De mannen verkenden Ai,
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Handelingen 2:21

Dan zal ieder die de naam van de Heer aanroept worden gered.”
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Genesis 35:15

Hij noemde die plaats, waar God met hem had gesproken, Betel.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Psalmen 116:4

Toen riep ik de naam van de HEER: 'HEER, red toch mijn leven!'
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Joel 2:32

(3:5) Dan zal ieder die de naam van de HEER aanroept ontkomen: op de Sion, in Jeruzalem, is een toevlucht te vinden, zoals de HEER heeft beloofd; ieder die hij roept zal worden gered.
Gerelateerd aan Genesis 12:8

Jozua 8:3

Jozua en het leger maakten zich toen gereed om tegen Ai ten strijde te trekken. Jozua koos dertigduizend soldaten uit, die hij 's nachts naar Ai stuurde.