Gerelateerd aan Filemon 1:11

Gerelateerd aan Filemon 1:11

2 Timotheüs 4:11

Alleen Lucas is bij me gebleven. Haal Marcus op en neem hem met je mee, want hij kan mij goede diensten bewijzen.
Gerelateerd aan Filemon 1:11

Job 30:1

Maar nu bespotten ze mij, mannen die minder jaren tellen dan ik, zonen van vaders die zelfs de honden van mijn kudden onwaardig waren!
Gerelateerd aan Filemon 1:11

1 Petrus 2:10

Eens was u geen volk, nu bent u Gods volk; eens viel Gods ontferming u niet ten deel, nu wordt zijn ontferming u geschonken.
Gerelateerd aan Filemon 1:11

Romeinen 3:12

Allen hebben ze zich afgewend, heel de mensheid is verdorven. Er is geen mens die nog het goede doet, er is er zelfs niet één.
Gerelateerd aan Filemon 1:11

Lukas 15:32

Maar we konden toch niet anders dan feestvieren en blij zijn, want je broer was dood en is weer tot leven gekomen. Hij was verloren en is teruggevonden.”’
Gerelateerd aan Filemon 1:11

Lukas 15:24

want deze zoon van mij was dood en is weer tot leven gekomen, hij was verloren en is teruggevonden.” En ze begonnen feest te vieren.
Gerelateerd aan Filemon 1:11

Mattheüs 25:30

En die nutteloze dienaar, gooi die eruit, in de uiterste duisternis, waar men jammert en knarsetandt.”
Gerelateerd aan Filemon 1:11

Lukas 17:10

Hetzelfde geldt voor jullie; wanneer jullie alles gedaan hebben wat jullie is opgedragen, zeg dan: “Wij zijn maar knechten, we hebben enkel onze plicht gedaan.”’