Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 7:24
Wrede volken vallen aan, ze dringen de huizen binnen. Aan de hoogmoed van de machtigen maak ik een einde, al wat hun heilig is, wordt ontwijd.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Jeremia 44:6
Toen stortte ik mijn grote woede uit en liet die ontbranden over de steden van Juda en de straten van Jeruzalem. Zo werden ze de verlaten ruïnes die ze nu zijn.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 24:21
tegen het volk van Israël te zeggen: "Dit zegt God, de HEER: Ik ga mijn heiligdom ontwijden, de plaats waaraan jullie je trots en kracht ontlenen, jullie liefste bezit, de plaats waarnaar jullie hart verlangt. De zonen en dochters die jullie daar achtergelaten hebben, zullen vallen door het zwaard.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Jeremia 44:22
De HEER kon jullie niet meer verdragen vanwege jullie kwalijke praktijken en gruwelijke daden. Daarom is jullie land de woestenij geworden die het nu is, een verschrikkelijke plaats waar niemand meer woont, waarvan de naam als een vloek wordt gebruikt.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Jeremia 44:2
‘Dit zegt de HEER van de hemelse machten, de God van Israël: Jullie hebben het onheil gezien waarmee ik Jeruzalem en de andere steden van Juda getroffen heb. Het zijn nu ruïnes waar niemand meer woont.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Micha 7:13
En de aarde zal worden verwoest, om haar bewoners, vanwege hun daden.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 6:14
Ik zal mijn hand tegen hen opheffen, ik zal van het land en van de plaatsen waar ze wonen een kale wildernis maken, nog verlatener dan de woestijn van Dibla. Dan zullen ze beseffen dat ik de HEER ben."'
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Zacharia 7:13
Ze luisterden niet toen hij hen riep. 'Daarom' -zei de HEER van de hemelse machten-'zal ik niet luisteren wanneer zij mij roepen.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 36:4
Luister daarom, bergen van Israël, naar de woorden van God, de HEER. Dit zegt God, de HEER, tegen de bergen en tegen de heuvels, tegen de rivierbeddingen en tegen de dalen, tegen de verwoeste puinhopen en tegen de verlaten steden, tegen alles wat is buitgemaakt en bespot door de volken om je heen!
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 12:20
De steden waar nu nog mensen wonen, zullen veranderen in ruïnes en het land wordt een woestenij. Dan zullen jullie beseffen dat ik de HEER ben."'
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 15:8
Ik zal van het land een woestenij maken, omdat zij mij ontrouw zijn geworden-zo spreekt God, de HEER.'
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Jeremia 25:11
Heel dit land valt in puin en wordt een woestenij, en ook de omringende volken zullen de koning van Babylonië dienen, zeventig jaar lang.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Jesaja 6:11
Ik vroeg: ‘Hoe lang, Heer?’ Hij antwoordde: ‘Totdat de steden en huizen geheel verlaten zijn en er geen mens meer woont, tot heel het land verwoest is, één grote woestenij.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Jeremia 16:16
Ik laat vissers komen om hen te vangen-spreekt de HEER -,en daarna laat ik jagers komen om hen op elke berg en elke heuvel, zelfs in de rotskloven op te jagen.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 30:6
Dit zegt de HEER: Wie Egypte steunt zal vallen, en de kracht waarop dat land zich beroemt zal verschrompelen: van Migdol tot Syene vallen er doden door het zwaard-spreekt God, de HEER.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Jeremia 9:11
Wie inzicht heeft, moet dit doorgronden, wie naar de HEER geluisterd heeft, moet het verkondigen.’ ‘Waarom wordt dit land te gronde gericht, verschroeit het als een woestijn, waar niemand nog doorheen trekt?’
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
2 Kronieken 36:21
Zo ging in vervulling wat de HEER bij monde van Jeremia had voorzegd. Zeventig jaar bleef het land braak liggen en had het rust, totdat alle niet in acht genomen sabbatsjaren vergoed waren.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 36:34
Het verwilderde land zal weer worden bewerkt-het land dat voor iedereen die erdoorheen trok een woestenij was.
Gerelateerd aan Ezechiel 33:28
Ezechiel 6:2
'Mensenkind, richt je blik op de bergen van Israël, en profeteer ertegen.