Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Ezechiel 6:2
'Mensenkind, richt je blik op de bergen van Israël, en profeteer ertegen.
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Genesis 10:15
Kanaän was de vader van Sidon, die de oudste was, en van Chet,
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Jeremia 25:22
de koningen van Tyrus, de koningen van Sidon en die van de overzeese gebieden;
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Ezechiel 27:8
De vorsten van Sidon en Arwad waren je roeiers, jouw wijzen, Tyrus, hielden het roer,
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Ezechiel 25:2
'Mensenkind, richt je blik op de Ammonieten en profeteer tegen hen.
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Jeremia 27:3
Stuur de koningen van Edom, Moab, Ammon, Tyrus en Sidon ieder een juk. Je moet ze meegeven aan hun gezanten, die bij koning Sedekia in Jeruzalem zijn.
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Jesaja 23:2
(2-3) Schreeuw het uit, bewoners van de kuststreek. Kooplui van Sidon, jullie hebben de zeeën bevaren en zijn van het grote water rijk geworden; het graan van Sichor, geoogst aan de Nijl, hebben jullie met winst verkocht. Sidon was de handelaar onder de volken.
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Ezechiel 32:30
En daar liggen alle heersers van het noorden, en alle Sidoniërs: ze zijn, hoe sterk en gevreesd ze ook waren, afgedaald naar de gesneuvelden. Ze zijn onteerd, ze liggen als onbesnedenen bij de gesneuvelden, en ze moeten nu hun schande dragen met hen die in het graf zijn afgedaald.
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Zacharia 9:2
Ook op het aangrenzende Hamat rust het woord van de HEER, en op Tyrus en Sidon, ondanks al hun vernuft.
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Jeremia 47:4
Want de dag is aangebroken om alle Filistijnen uit te roeien, om Tyrus en om Sidon te beroven van hun laatste bondgenoot. De HEER vernietigt alle Filistijnen, het volk dat ooit van Kreta kwam.
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Ezechiel 29:2
'Mensenkind, richt je blik op de farao, de koning van Egypte, en profeteer tegen hem en tegen heel Egypte.
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Jesaja 23:12
Hij zegt: ‘Sidon, geplaagde vrouw, geschonden stad, je levendigheid is voorgoed gedoofd. Toe dan, steek maar over naar de Kittiërs-ook daar vind je geen rust.’
Gerelateerd aan Ezechiel 28:21
Joel 3:4
(4:4) Jullie, inwoners van Tyrus en Sidon, en jullie, Filistijnen, wat denken jullie wel? Wilden jullie je op mij wreken? Wilden jullie iets tegen mij ondernemen? Onmiddellijk laat ik jullie daden op je eigen hoofd neerkomen.