Gerelateerd aan Ezechiel 26:8
Gerelateerd aan Ezechiel 26:8
Ezechiel 21:22
(21:27) Rechts ligt het lot van Jeruzalem. Hij zal de stad met stormrammen aanvallen, hij zal zijn mond openen in een strijdkreet, hij zal zijn stem in krijgsgeschreeuw verheffen. Hij laat de stormrammen tegen de poorten beuken, hij maakt een bestormingsdam, hij werpt een belegeringswal op.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:8
Jeremia 32:24
De belegeringswal reikt al tot de stadsmuur, de stad staat op het punt te worden ingenomen. Ze valt in handen van de Chaldeeën, die haar bestormen. Het zwaard, de honger en de pest brengen haar ten val. Wat u hebt aangekondigd, ziet u nu zelf gebeuren.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:8
Jeremia 6:6
Dit zegt de HEER van de hemelse machten: Hak de boomgaarden om, werp een wal op tegen de stad. Jeruzalem wordt overgeleverd, het is een stad vol onderdrukking.
Gerelateerd aan Ezechiel 26:8
Jeremia 52:4
In het negende jaar van zijn regering, op de tiende dag van de tiende maand, kwam koning Nebukadnessar van Babylonië met heel zijn leger bij Jeruzalem aan en ze sloegen er hun kamp op. Ze wierpen een wal op rondom de stad
Gerelateerd aan Ezechiel 26:8
2 Samuel 20:15
Toen kwam ook Joab met zijn leger bij Abel-Bet-Maächa en sloot hem daar in. Ze wierpen een wal op tegen de muur van de vesting en bestookten van daar af met man en macht de stadsmuur.