Gerelateerd aan Exodus 2:16-17

Gerelateerd aan Exodus 2:16

Genesis 24:11

Buiten die stad liet hij de kamelen neerknielen bij een waterput. Het was tegen de avond, omstreeks de tijd dat de vrouwen de stad uitgaan om water te putten.
Gerelateerd aan Exodus 2:16

Exodus 3:1

Mozes was gewoon de schapen en geiten van zijn schoonvader Jetro, de Midjanitische priester, te weiden. Eens dreef hij de kudde tot voorbij het steppeland, en zo kwam hij bij de Horeb, de berg van God.
Gerelateerd aan Exodus 2:16

1 Samuel 9:11

Toen ze de helling naar de stad op gingen, kwamen ze een paar meisjes tegen die op weg waren om water te putten. 'Is de ziener in de stad?' vroegen ze.
Gerelateerd aan Exodus 2:16

Genesis 14:18

En Melchisedek, de koning van Salem, liet brood en wijn brengen. Hij was een priester van God, de Allerhoogste,
Gerelateerd aan Exodus 2:16

Genesis 41:45

Hij gaf Jozef de naam Safenat-Paneach, en hij gaf hem Asnat tot vrouw; zij was een dochter van Potifera, een priester in Heliopolis. Jozef reisde heel Egypte door.
Gerelateerd aan Exodus 2:16

Genesis 24:14

Het meisje dat ik vraag haar kruik van haar schouder te nemen om mij te drinken te geven en dat antwoordt: “Ga uw gang, ik zal ook uw kamelen te drinken geven, ”laat dat het meisje zijn dat u bestemd hebt voor uw dienaar Isaak. Als zij zo reageert, zal ik weten dat u mijn meester genegen bent.’
Gerelateerd aan Exodus 2:16

Genesis 29:6

‘Hoe maakt hij het?’ vroeg hij. ‘Goed, ‘antwoordden ze. ‘Kijk, daar komt zijn dochter Rachel juist aan met de schapen.’
Gerelateerd aan Exodus 2:17

Genesis 29:10

Zodra Jakob Rachel zag, de dochter van zijn moeders broer Laban, met Labans vee, liep hij naar de put, rolde de steen van de opening en gaf de dieren van zijn oom te drinken.
Gerelateerd aan Exodus 2:17

Genesis 21:25

Maar wel maakte hij Abimelech verwijten over een waterput die Abimelechs knechten zich hadden toegeëigend.
Gerelateerd aan Exodus 2:17

Exodus 2:12

Hij keek om zich heen, en toen hij zag dat er niemand in de buurt was sloeg hij de Egyptenaar dood; hij verborg hem onder het zand.
Gerelateerd aan Exodus 2:17

Genesis 26:15

en daarom maakten ze alle putten die de knechten van zijn vader Abraham indertijd hadden gegraven onbruikbaar door ze vol te gooien met aarde.