Gerelateerd aan Esther 8:6
Gerelateerd aan Esther 8:6
Esther 7:4
Want we zijn verkocht, mijn volk en ik, om gedood te worden en volledig te worden uitgeroeid. Als we waren verkocht als slaven en slavinnen, dan zou ik hebben gezwegen, want zo'n ramp zou de belangen van de koning niet schaden.'
Gerelateerd aan Esther 8:6
Romeinen 10:1
Broeders en zusters, ik wens uit de grond van mijn hart en bid tot God dat ze zullen worden gered.
Gerelateerd aan Esther 8:6
Romeinen 9:2
ik ben diepbedroefd en word voortdurend door verdriet gekweld.
Gerelateerd aan Esther 8:6
Genesis 44:34
Hoe zou ik immers zonder die jongen naar mijn vader kunnen teruggaan? Ik zou het verdriet dat ik mijn vader daarmee aan zou doen, niet kunnen aanzien.’
Gerelateerd aan Esther 8:6
Nehemia 2:3
en zei: 'Majesteit, leef in eeuwigheid! Hoe zou ik niet somber zijn als de stad waar mijn voorouders begraven zijn, is verwoest en haar poorten in vlammen zijn opgegaan?'
Gerelateerd aan Esther 8:6
Jeremia 4:19
O bonzend hart! O razend hart! Ik krimp ineen van pijn! Ik kan niet zwijgen, tot in mijn ziel voel ik het hoorngeschal, hoor ik het krijgsgeschreeuw.
Gerelateerd aan Esther 8:6
Lukas 19:41
Toen hij Jeruzalem voor zich zag liggen, begon hij te huilen over het lot van de stad.
Gerelateerd aan Esther 8:6
Esther 9:1
De dertiende dag van de twaalfde maand, de maand adar, brak aan, de dag waarop het bevel en de wet van de koning zouden worden uitgevoerd, de dag waarop de vijanden van de Joden hen in hun macht hoopten te krijgen. Maar het omgekeerde gebeurde: het waren juist de Joden die hun belagers in hun macht kregen.
Gerelateerd aan Esther 8:6
Jeremia 9:1
(8:23) Ach, was mijn hoofd maar een waterval, mijn oog een bron van tranen: dag en nacht zou ik huilen over de doden van mijn volk. Ach, had ik maar een nachtverblijf in de woestijn. Ik zou mijn volk verlaten, van hen weggaan.’ ‘Ze zijn allen even trouweloos, het is een bende bedriegers.