Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Psalmen 115:14

Moge de HEER u talrijk maken, u en uw kinderen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Numeri 6:27

Als zij mijn naam over het volk uitspreken, zal ik de Israëlieten zegenen.'
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Exodus 32:13

Denk toch aan uw dienaren Abraham, Isaak en Isra ël, aan wie u onder ede deze belofte hebt gedaan: "Ik zal jullie zo veel nakomelingen geven als er sterren aan de hemel zijn, en het hele gebied waarvan ik gesproken heb zal ik hun voor altijd in bezit geven."'
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Genesis 26:4

Ik zal je zoveel nakomelingen geven als er sterren aan de hemel zijn en dit hele gebied aan hen geven, en alle volken op aarde zullen wensen zo gezegend te worden als jouw nakomelingen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Genesis 22:17

zal ik je rijkelijk zegenen en je zoveel nakomelingen geven als er sterren aan de hemel zijn en zandkorrels op het strand langs de zee, en je nakomelingen zullen de steden van hun vijanden in bezit krijgen.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Genesis 49:25

door de God van je vader, de Ontzagwekkende. Hij moge je helpen, hij moge je zegenen met zegeningen van de hemel daar boven en van de oervloed in de diepte, met zegeningen van borsten en moederschoot.
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

2 Samuel 24:3

Joab antwoordde: 'Moge de HEER, uw God, uw leger tijdens uw leven nog honderdmaal zo sterk maken als nu, mijn heer en koning, maar waarom wilt u dit eigenlijk?'
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Numeri 22:12

God zei tegen Bileam: 'Ga niet met hen mee en vervloek dat volk niet, want het is gezegend.'
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

Genesis 15:5

Daarop leidde hij Abram naar buiten. ‘Kijk eens naar de hemel, ‘zei hij, ‘en tel de sterren, als je dat kunt.’ En hij verzekerde hem: ‘Zo zal het ook zijn met jouw nakomelingen.’
Gerelateerd aan Deuteronomium 1:11

1 Kronieken 21:3

Joab antwoordde: 'Al zou de HEER zijn volk nog honderdmaal zo groot maken als nu, mijn heer en koning, het blijven allen dienaren van mijn heer. Dus waarom wilt u dit? Waarom zou u schuld op Israël laden?'