Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Jesaja 54:4
Wees niet bang: je zult niet worden beschaamd; wees niet bedrukt: je zult niet worden vernederd. Je zult de schande van je jeugd vergeten, je de smaad van je weduwschap niet meer herinneren.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Joel 2:26
Je zult weer volop te eten hebben, meer dan genoeg, en je zult de naam van de HEER, je God, prijzen, want ik heb wonderbaarlijk met jullie gehandeld; nooit zal mijn volk weer te schande gemaakt worden.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Jesaja 11:9
Niemand doet kwaad, niemand sticht onheil op heel mijn heilige berg. Want kennis van de HEER vervult de aarde, zoals het water de bodem van de zee bedekt.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Jeremia 7:4
Vertrouw niet op die bedrieglijke leus: “Dit is de tempel van de HEER ! De tempel van de HEER ! De tempel van de HEER !”
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Jesaja 61:7
De smaad die je verdiende loon werd genoemd, je schande wordt je dubbel vergoed. Daarom erven zij dubbel van het land en is eeuwige vreugde hun deel.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Mattheüs 3:9
en denk niet dat je bij jezelf kunt zeggen: Wij hebben Abraham als vader. Want ik zeg jullie: God kan uit deze stenen kinderen van Abraham verwekken!
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Jesaja 45:17
Maar Israël wordt door de HEER gered, hij brengt redding voor eeuwig. Jullie staan niet te schande en worden niet gehoond, in alle eeuwigheid niet.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Psalmen 87:1
(1-2) Van de Korachieten, een psalm, een lied. Boven alle steden van Jakob heeft de HEER de poorten van Sion lief, zijn vesting op de heilige bergen.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Jeremia 7:9
Jullie stelen, moorden, plegen overspel en meineed, branden wierook voor Baäl en lopen achter andere goden aan, die jullie eerst niet kenden.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
1 Petrus 2:6
In de Schrift staat immers: 'In Sion leg ik een hoeksteen die ik heb uitgekozen om zijn kostbaarheid; wie daarop vertrouwt, komt niet bedrogen uit.'
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Zefanja 3:19
In die tijd zal ik afrekenen met je verdrukkers, de kreupelen zal ik redden, de verstrooiden bijeenbrengen. En hen die in de hele wereld werden veracht zal ik met eer en roem overladen.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Daniel 9:16
Heer, u bent rechtvaardig, bevrijd toch uw stad Jeruzalem, uw heilige berg, van uw hevige toorn; want om onze zonden en om de overtredingen van onze voorouders worden Jeruzalem en uw volk te schande gemaakt bij alle volken om ons heen.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Daniel 9:20
Terwijl ik nog sprak en bad, mijn zonde en de zonde van mijn volk Israël beleed, en mijn smeekbede omwille van de heilige berg van mijn God richtte tot de HEER, mijn God,
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Jesaja 65:13
Daarom-dit zegt God, de HEER: Mijn dienaren zullen eten, maar jullie zullen honger lijden; mijn dienaren zullen drinken, maar jullie zullen dorst lijden; mijn dienaren zullen zich verheugen, maar jullie zullen te schande staan;
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Ezechiel 24:21
tegen het volk van Israël te zeggen: "Dit zegt God, de HEER: Ik ga mijn heiligdom ontwijden, de plaats waaraan jullie je trots en kracht ontlenen, jullie liefste bezit, de plaats waarnaar jullie hart verlangt. De zonen en dochters die jullie daar achtergelaten hebben, zullen vallen door het zwaard.
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Ezechiel 7:20
Ik laat hen gruwen van hun rijke schatten, gruwen van de schatten die hun trots uitmaakten. Ze hebben er afschuwelijke beelden van gemaakt!
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Micha 3:11
De leiders spreken er recht in ruil voor geschenken, de priesters geven onderricht tegen betaling, de profeten voorspellen voor geld, terwijl ze zich op de HEER beroepen en zeggen: 'De HEER is toch in ons midden? Ons kan geen kwaad overkomen.'
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Numeri 16:3
Ze stelden zich tegenover Mozes en Aäron op en zeiden tegen hen: 'U matigt u te veel aan. Alle leden van de gemeenschap zijn heilig, en de HEER is in hun midden. Waarom voelt u zich dan boven de gemeenschap van de HEER verheven?'
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Romeinen 9:33
waarover geschreven staat: 'In Sion leg ik een steen neer waarover men struikelt, een rotsblok waaraan men zich stoot. Maar wie in hem gelooft, komt niet bedrogen uit.'
Gerelateerd aan Zefanja 3:11
Jesaja 48:1
Luister hiernaar, volk van Jakob, dat de naam Israël mag dragen, dat uit Juda’s bron is voortgekomen, dat zweert bij de naam van de HEER en zich op Israëls God beroept, maar onwaarachtig en onoprecht.
1
2