Gerelateerd aan Spreuken 9:1-6

Gerelateerd aan Spreuken 9:1

Efeze 2:20

gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, met Christus Jezus zelf als de hoeksteen.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

Openbaring 3:12

Wie overwint maak ik tot een zuil in de tempel van mijn God. Daar zal hij voor altijd blijven staan. Ik zal op hem de naam schrijven van mijn God en van de stad van mijn God, het nieuwe Jeruzalem dat bij mijn God vandaan uit de hemel zal neerdalen, en ook mijn eigen nieuwe naam.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

Galaten 2:9

en ze dus de genade onderkenden die mij geschonken was, toen reikten Jakobus, Kefas en Johannes, die als steunpilaren golden, mij en Barnabas de broederhand: wij zouden naar de heidenen gaan, zij naar de besnedenen.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

Mattheüs 16:18

En ik zeg je: jij bent Petrus, de rots waarop ik mijn kerk zal bouwen, en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet kunnen overweldigen.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

1 Koningen 7:21

De zuilen werden opgesteld in de voorhal voor de grote zaal. De rechterzuil kreeg de naam Jachin en de linkerzuil de naam Boaz.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

1 Korinthe 3:9

Dus wij zijn medewerkers van God en u bent zijn akker. U bent een bouwwerk van God.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

1 Koningen 7:2

(2-3) Eerst bouwde hij een hal die het Woud van de Libanon werd genoemd. Deze was honderd el lang, vijftig el breed en dertig el hoog. Het dak van cederhout rustte op vier rijen cederhouten zuilen, waarover cederhouten balken lagen. Daaroverheen lagen vijfenveertig dwarsbalken, vijftien per rij.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

1 Koningen 7:6

Vóór deze ruimte, ervan afgescheiden door een hekwerk, liet hij een zuilenhal bouwen van vijftig el breed en dertig el diep.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

Hebreeën 3:3

Jezus echter werd groter eer waardig geacht dan Mozes, zoals de bouwer van een huis meer eer krijgt dan het huis zelf.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

1 Timotheüs 3:15

voor het geval ik mocht worden opgehouden. Dan weet je hoe men zich moet gedragen in het huis van God, dat wil zeggen de kerk van de levende God, fundament en pijler van de waarheid.
Gerelateerd aan Spreuken 9:1

1 Petrus 2:5

en laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijke tempel. Vorm een heilige priesterschap om geestelijke offers te brengen die God, dankzij Jezus Christus, welgevallig zijn.
Gerelateerd aan Spreuken 9:2

Spreuken 23:30

Een dronkaard, die tot in de vroege morgen drinkt, die blijft proeven van de wijn.
Gerelateerd aan Spreuken 9:2

Jesaja 25:6

Op deze berg richt de HEER van de hemelse machten voor alle volken een feestmaal aan: uitgelezen gerechten en belegen wijnen, een feestmaal rijk aan merg en vet, met pure, rijpe wijnen.
Gerelateerd aan Spreuken 9:2

Mattheüs 22:3

Hij stuurde zijn dienaren erop uit om de bruiloftsgasten uit te nodigen, maar die wilden niet komen.
Gerelateerd aan Spreuken 9:2

Spreuken 9:5

'Kom, eet het brood dat ik je geef, drink de wijn die ik heb gemengd.
Gerelateerd aan Spreuken 9:2

Hooglied 8:2

Dan nam ik je mee en bracht je in mijn moeders huis. Dat heb ik van haar geleerd. Ik gaf je kruidige wijn te drinken, van het sap van mijn granaatappel.
Gerelateerd aan Spreuken 9:2

Genesis 43:16

Toen Jozef zag dat Benjamin bij hen was, zei hij tegen zijn hofmeester: ‘Breng deze mannen naar mijn huis, en laat iets slachten en klaarmaken, want vanmiddag eten ze bij mij.’
Gerelateerd aan Spreuken 9:2

Lukas 14:16

Jezus vervolgde: ‘Iemand wilde een groot feestmaal geven en nodigde tal van gasten uit.
Gerelateerd aan Spreuken 9:2

1 Korinthe 5:7

Doe de oude desem weg en wees als nieuw deeg. U bent immers als ongedesemd brood omdat ons pesachlam, Christus, is geslacht.
Gerelateerd aan Spreuken 9:3

Spreuken 9:14

Ze zit bij de deur van haar huis, in een zetel, hoog in de stad.
1
2
3
4
Volgende