Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Genesis 4:5
maar voor Kaïn en zijn offer had hij geen oog. Dat maakte Kaïn woedend, zijn blik werd donker.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Jeremia 40:14
en zeiden tegen Gedalja: ‘Weet u dat Jismaël, de zoon van Netanja, er door koning Baälis van Ammon op uit is gestuurd om u te vermoorden?’ Maar Gedalja geloofde hen niet.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Romeinen 10:1
Broeders en zusters, ik wens uit de grond van mijn hart en bid tot God dat ze zullen worden gered.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
1 Samuel 15:11
'Ik betreur het dat ik Saul koning heb gemaakt, want hij heeft mij de rug toegekeerd en doet niet wat ik hem heb opgedragen.' Samuël werd boos en schreeuwde het de hele nacht uit tegen de HEER.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
1 Samuel 20:31
Zolang de zoon van Isaï hier op aarde rondloopt, ben jij je leven en je koningschap niet zeker. Laat hem onmiddellijk halen en breng hem bij me, want hij is ten dode opgeschreven.'
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
2 Kronieken 18:7
De koning van Israël antwoordde: 'Er is nog wel iemand die de HEER voor ons zou kunnen raadplegen. Maar ik heb een hekel aan hem. Hij profeteert nooit iets goeds over mij, altijd onheil. Dat is Micha, de zoon van Jimla.' 'Zegt u dat toch niet!' zei Josafat.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Markus 6:18
Johannes had namelijk tegen Herodes gezegd: ‘U mag niet trouwen met de vrouw van uw broer.’
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
1 Koningen 22:8
De koning van Israël antwoordde: 'Er is nog wel iemand die de HEER voor ons zou kunnen raadplegen. Maar ik heb een hekel aan hem. Hij heeft nog nooit iets goeds over mij geprofeteerd, alleen maar onheil. Dat is Micha, de zoon van Jimla.' 'Zegt u dat toch niet!' zei Josafat.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Jeremia 13:15
‘Luister, open je oren, wees niet zo trots, want de HEER heeft gesproken.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
1 Johannes 3:12
en niet moeten doen zoals Kaïn, die voortkwam uit hem die het kwaad zelf is, en zijn broer doodsloeg. En waarom sloeg hij hem dood? Omdat zijn eigen daden slecht waren en die van zijn broer rechtvaardig.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Johannes 15:18
Wanneer de wereld je haat, bedenk dan dat ze mij eerder haatte dan jullie.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Markus 6:24
Ze ging naar haar moeder en vroeg: ‘Wat zal ik vragen?’ Haar moeder zei: ‘Het hoofd van Johannes de Doper.’
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Lukas 23:34
Jezus zei: ‘Vader, vergeef hun, want ze weten niet wat ze doen.’ De soldaten verdeelden zijn kleren onder elkaar door erom te dobbelen.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Jeremia 18:20
Mag goed met kwaad worden vergolden? Een kuil hebben ze voor mij gegraven-en dat terwijl ik voor u stond om voor hen te pleiten, om uw toorn van hen af te wenden.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
1 Koningen 21:20
Toen Achab Elia zag, zei hij: 'Mijn vijand heeft me dus weer weten te vinden.' 'Ik heb u gevonden, 'antwoordde Elia. 'U hebt u ertoe geleend iets te doen dat slecht is in de ogen van de HEER.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Johannes 5:34
Niet dat ik het getuigenis van een mens nodig heb, maar ik zeg dit om u te redden.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
Handelingen 7:60
Hij viel op zijn knieën en riep luidkeels: ‘Heer, reken hun deze zonde niet aan!’ En na deze woorden stierf hij.
Gerelateerd aan Spreuken 29:10
1 Samuel 22:11
Daarop ontbood de koning de priester Achimelech, de zoon van Achitub, en al zijn familieleden, die ook priester waren in Nob. Toen ze aan de koning werden voorgeleid,