Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Spreuken 23:35
'Ik ben geslagen, maar heb niets gevoeld, ik ben afgerost, maar heb niets gemerkt. Laat ik maar eens opstaan, eerst een beker wijn.'
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Jeremia 5:3
‘HEER, u wilt toch dat ze eerlijk zijn? U sloeg hen, maar het raakte hen niet. U bracht hen aan de rand van de afgrond, zij weigerden van die straf te leren. Zij gingen onverdroten voort en weigerden terug te keren.
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Jesaja 1:5
Ben je niet genoeg geslagen, verzet je je nog altijd? Heel je hoofd doet pijn, heel je hart is ziek.
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Exodus 12:30
De farao, zijn hovelingen en alle andere Egyptenaren schrokken die nacht wakker, en in heel Egypte klonk een luid gejammer, want er was geen huis waarin geen dode was.
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Openbaring 16:10
De vijfde engel goot zijn offerschaal leeg over de troon van het beest. Zijn rijk werd in duisternis gehuld. De mensen beten op hun tong van de pijn.
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Exodus 15:9
De vijand dacht: Ik achtervolg hen, haal hen in, verdeel de buit. Weldra wordt mijn wraaklust bevredigd, ik trek mijn zwaard, ik onderwerp hen weer.
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
2 Kronieken 28:22
Toen hij zo in het nauw was gedreven, beging hij, koning Achaz, nog meer overtredingen tegenover de HEER.
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Jeremia 44:15
Maar de Judeeërs die in Boven-Egypte woonden, de mannen, die wisten dat hun vrouwen wierook voor andere goden brandden, en de vrouwen zelf, die in groten getale opgekomen waren, antwoordden Jeremia:
Gerelateerd aan Spreuken 27:22
Exodus 14:5
Toen aan de farao, de koning van Egypte, bericht werd dat het volk gevlucht was, kregen hij en zijn hovelingen spijt. 'Hoe konden we Isra ël zomaar laten vertrekken!' zeiden ze. 'Nu zijn we onze slaven kwijt.'