Gerelateerd aan Spreuken 26:4
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
Spreuken 26:5
Antwoord hem naar zijn dwaasheid, hij moet niet denken dat hij wijs is.
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
1 Petrus 3:9
Vergeld geen kwaad met kwaad, en als u wordt uitgescholden, scheld dan niet terug; zegen juist, opdat u ook zelf zegen ontvangt, want daartoe bent u geroepen.
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
1 Koningen 12:16
Toen de Israëlieten merkten dat de koning aan hun verzoek geen gehoor gaf, zeiden ze tegen hem: 'Wat hebben wij met David te maken? Wij hebben niets gemeen met de zoon van Isaï! We breken op, volk van Israël! Het koningshuis van David zorgt maar voor zichzelf!' En de Israëlieten braken op.
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
Jesaja 36:21
Maar zij zwegen en antwoordden met geen woord, want zo had de koning het bevolen.
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
Richteren 12:1
De Efraïmieten brachten een leger op de been en staken de Jordaan over naar Safon. 'Waarom bent u tegen de Ammonieten opgetrokken zonder ons erbij te betrekken?' wilden ze van Jefta weten. 'We zullen u met huis en al verbranden!'
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
2 Samuel 19:41
(19:42) De Israëlieten kwamen op de koning af en vroegen hem: 'Waarom hebben onze broeders, de Judeeërs, beslag op u gelegd door u en uw gevolg bij het oversteken van de Jordaan te begeleiden terwijl al uw aanhangers al bij u waren?'
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
Spreuken 17:14
Wie een ruzie begint, ontketent een stortvloed; staak de strijd voordat hij losbarst.
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
2 Koningen 14:8
Daarop stuurde hij gezanten naar de koning van Israël, Joas, de zoon van Joachaz, de zoon van Jehu, met de boodschap: 'Laten wij zien wie van ons de sterkste is.'
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
1 Koningen 12:14
en antwoordde zoals de jongemannen hem hadden aangeraden: 'Mijn vader heeft u een zwaar juk opgelegd, ik zal het nog verzwaren. Mijn vader heeft u gehoorzaamheid geleerd met zwepen, ik zal u gehoorzaamheid leren met schorpioenen.'
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
Judas 1:9
Zelfs de aartsengel Michaël waagde het niet de duivel te beschuldigen en te veroordelen toen hij met hem twistte over het lichaam van Mozes. Hij zei alleen: 'Moge de Heer u straffen.'
Gerelateerd aan Spreuken 26:4
1 Petrus 2:21
Dat is uw roeping; ook Christus heeft geleden, om uwentwil, en u daarmee een voorbeeld gegeven. Treed dus in de voetsporen van hem