Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Spreuken 12:6

De woorden van de goddelozen zijn een dodelijke hinderlaag, wat oprechten zeggen, is een bevrijding.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Spreuken 22:8

Wie onheil zaait, zal onheil oogsten, de stok waarmee hij slaat, zal hem te gronde richten.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Daniel 7:20

en de betekenis van de tien horens op zijn kop en van de nieuwe horen die opkwam, waarvoor er drie moesten wijken-de horen met ogen en een mond vol grootspraak die er groter uitzag dan de andere.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

1 Samuel 2:3

Gebruik toch geen grote woorden, blaas niet zo hoog van de toren, want de HEER is een alwetende God: door hem worden onze daden gewogen.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Psalmen 52:1

Voor de koorleider. Een kunstig lied van David, (52:2) toen de Edomiet Doëg naar Saul was gegaan en hem had meegedeeld: 'David bevindt zich in het huis van Achimelech.' (52:3) Wat prijs je het kwade aan, jij held, en smaal je voortdurend op God!
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Openbaring 3:10

Omdat u trouw bent gebleven aan mijn gebod om stand te houden, zal ik u ook trouw zijn wanneer binnenkort de tijd van de beproeving aanbreekt, als heel de aarde en de mensen die er leven op de proef worden gesteld.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Openbaring 15:5

Hierna zag ik de hemelse tempel, de verbondstent, opengaan.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Romeinen 10:9

Als uw mond belijdt dat Jezus de Heer is en uw hart gelooft dat God hem uit de dood heeft opgewekt, zult u worden gered.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Spreuken 21:24

Een spotter is verwaand en onbeschoft, hij is grenzeloos hooghartig.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Psalmen 12:3

(12:4) HEER, snijd hun valse tongen af, snoer de monden vol grootspraak
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Psalmen 57:4

(57:5) Tussen leeuwen moet ik liggen, tussen dieren die mensen verslinden, hun tanden zijn speren en pijlen, hun tong is een geslepen zwaard.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Spreuken 28:25

Wie hebzuchtig is, ontketent ruzie, wie op de HEER vertrouwt, wordt rijk.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Job 5:21

Voor de gesel van de tong ben je veilig, bij naderend geweld zul je niet bang zijn.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Jakobus 3:5

Zo is ook de tong een klein orgaan, maar wat een grootspraak kan hij voortbrengen! Bedenk eens hoe een kleine vlam een enorme bosbrand veroorzaakt.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Openbaring 12:11

Zij hebben hem dankzij het bloed van het lam en dankzij hun getuigenis overwonnen. Zij waren niet aan het leven gehecht en hebben hun dood aanvaard.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Spreuken 18:6

De woorden van een dwaas zaaien tweedracht, wat hij zegt leidt tot een vechtpartij.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

2 Petrus 2:18

want met loos gebral en schaamteloze uitspattingen verleiden ze hen die zich nog maar net hebben losgemaakt van degenen die dwalen.
Gerelateerd aan Spreuken 14:3

Psalmen 31:18

(31:19) Zwijgen moeten de leugenaars, die hoogmoedig en vol verachting rechtvaardige mensen beschuldigen.