Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Psalmen 107:38

Zegent hij hen, zij worden zeer talrijk en ook hun vee breidt zich uit,
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Genesis 26:12

Isaak zaaide in dat land en hij oogstte nog hetzelfde jaar honderdvoudig, want de HEER zegende hem.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Genesis 24:35

De HEER heeft mijn meester overvloedig gezegend, zodat hij rijk is geworden: hij heeft hem schapen, geiten en runderen gegeven, zilver en goud, slaven en slavinnen, kamelen en ezels.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

1 Samuel 2:7

De HEER maakt arm en hij maakt rijk, vernedert diep en heft hoog op.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Psalmen 37:22

Gods gezegenden zullen het land bezitten, de vervloekten worden verdelgd.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Genesis 12:2

Ik zal je tot een groot volk maken, ik zal je zegenen, ik zal je aanzien geven, een bron van zegen zul je zijn.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Deuteronomium 8:17

En dan zou u bij uzelf denken: Al die voorspoed hebben we op eigen kracht verworven!?
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Spreuken 20:21

Rijkdom die in korte tijd verworven is, brengt geen zegen voor later.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Psalmen 113:7

Hij verheft uit het stof wie berooid is, uit het vuil tilt hij op wie alles ontbeert.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Genesis 13:2

Abram was bijzonder rijk: hij had veel vee, zilver en goud.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Spreuken 28:22

Een hebzuchtig mens jaagt rijkdom na, hij weet niet dat hem gebrek wacht.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Jakobus 5:1

En nu iets voor u, rijken! Weeklaag en jammer om de rampspoed die over u komt.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Job 27:8

Waarop kan de misdadiger hopen, wanneer God zijn levensdraad afsnijdt en hem de stilte van de dood oplegt?
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Genesis 14:23

dat ik volstrekt niets wil aannemen van wat uw eigendom is, nog geen draad of schoenriem. U zult niet kunnen zeggen: “Ik ben het die Abram rijk heeft gemaakt.”
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Jozua 7:1

Maar Israël schond de ban. Er was een zekere Achan: hij was een zoon van Karmi, die een zoon was van Zabdi, de zoon van Zerach, en hij was afkomstig uit de stam Juda. Deze Achan vergreep zich aan de goederen die onvoorwaardelijk aan de HEER gewijd waren. Hierop ontstak de HEER in woede tegen het volk van Israël.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Jozua 6:18

Maar denk eraan dat op al het andere een ban rust. Dus vernietig de stad maar maak niets buit, zodat u niet Israëls eigen kamp aan de vernietiging prijsgeeft en Israël in het ongeluk stort.
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

2 Koningen 5:26

Toen zei Elisa: 'Dacht je dat het me ontgaan was dat een zeker iemand van zijn wagen is gesprongen en jou tegemoet is gesneld? Is dit de manier om aan zilver te komen, aan kleren, olijfgaarden en wijngaarden, en aan vee en slaven en slavinnen?
Gerelateerd aan Spreuken 10:22

Zacharia 5:4

Ik heb die vloek uitgevaardigd-spreekt de HEER van de hemelse machten. Hij zal het huis van de dief bezoeken en het huis van eenieder die bij mijn naam een valse eed zweert. Hij zal op hun huizen rusten en ze verwoesten, zodat er geen balk of steen van heel blijft.'