Gerelateerd aan Richteren 18:30

Gerelateerd aan Richteren 18:30

Richteren 13:1

Weer deden de Israëlieten wat slecht is in de ogen van de HEER. Daarom leverde de HEER hen veertig jaar lang over aan de Filistijnen.
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Exodus 2:22

Zij bracht een zoon ter wereld, en Mozes noemde hem Gersom, 'want, 'zei hij, 'ik ben een vreemdeling geworden, ik woon in een land dat ik niet ken.'
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Richteren 17:5

Micha had namelijk voor zichzelf een heiligdom ingericht. Hij had een priestergewaad en verschillende godenbeeldjes laten maken en een van zijn zonen als priester aangesteld.
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Richteren 17:3

Hij gaf de elfhonderd sjekel zilver aan haar terug, maar zij zei: 'Ter wille van mijn zoon wijd ik mijn zilver aan de HEER om er een beeld mee te laten beslaan. Hier heb je het geld terug.'
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Psalmen 78:60

Hij gaf zijn woning in Silo op, de tent waar hij woonde onder de mensen.
Gerelateerd aan Richteren 18:30

1 Samuel 4:2

Nadat de Filistijnen zich in slagorde tegenover de Israëlieten hadden opgesteld, brandde de strijd los. Israël werd door de Filistijnen verslagen: vierduizend man sneuvelden in de slag.
Gerelateerd aan Richteren 18:30

1 Samuel 4:10

De Filistijnen gingen tot de aanval over en de Israëlieten werden verslagen. Ieder vluchtte naar zijn eigen woonplaats. Het was een zware nederlaag voor Israël, waarbij dertigduizend man voetvolk omkwamen.
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Deuteronomium 17:2

Wanneer zich in een van de steden die de HEER, uw God, u zal geven, iemand bevindt, man of vrouw, die doet wat slecht is in de ogen van de HEER door de regels van het verbond te overtreden,
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Deuteronomium 27:15

“Vervloekt is eenieder die een godenbeeld maakt en het op een geheime plaats bewaart; in de ogen van de HEER is het een gruwelijk maaksel van mensenhanden.” En heel het volk moet antwoorden: “Amen.”
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Deuteronomium 31:16

De HEER zei tegen Mozes: ‘Als jij bij je voorouders te ruste bent gegaan, zal het volk mij ontrouw worden en zich afgeven met de vreemde goden die zij zullen aantreffen in het land waar ze heen gaan. Ze zullen mij verlaten en het verbond dat ik met hen gesloten heb verbreken.
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Deuteronomium 31:29

Want ik weet dat u zich na mijn dood zult gaan misdragen en zult afwijken van de weg die ik u gewezen heb. Daarom zal ellende uiteindelijk uw deel zijn, want u zult doen wat slecht is in de ogen van de HEER : hem tergen met uw zelfgemaakte goden.’
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Exodus 20:4

Maak geen godenbeelden, geen enkele afbeelding van iets dat in de hemel hier boven is of van iets beneden op de aarde of in het water onder de aarde.
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Psalmen 105:44

Hij gaf hun het land van andere volken, het bezit van vreemde naties viel hun ten deel.
Gerelateerd aan Richteren 18:30

Leviticus 26:1

Maak geen afgodsbeelden, zet geen godenbeelden neer, richt geen gewijde stenen op en plaats in jullie land geen stenen met afbeeldingen om je daarvoor neer te buigen, want ik, de HEER, ben jullie God.