Gerelateerd aan Richteren 16:28

Gerelateerd aan Richteren 16:28

Jeremia 15:15

‘O HEER, u kent mij. Denk aan mij, bekommer u om mij, wreek mij op mijn achtervolgers. Heb met hen niet zo veel geduld dat het mij het leven kost. Weet dat ik omwille van u belasterd word.
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Psalmen 143:12

toon uw trouw, versla mijn vijanden, vernietig al mijn belagers- ik ben uw dienaar.
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Klaagliederen 3:31

Want de Heer verwerpt niet voor eeuwig.
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Psalmen 50:15

Roep mij te hulp in tijden van nood, ik zal je redden, en je zult mij eren.'
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Jona 2:1

(2:2) Toen begon hij in de buik van de vis tot de HEER, zijn God, te bidden:
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Openbaring 6:10

Ze riepen luid: 'O heilige en betrouwbare Heer, wanneer zult u de mensen die op aarde leven eindelijk straffen en ons bloed op hen wreken?'
Gerelateerd aan Richteren 16:28

2 Timotheüs 4:14

Alexander, de kopersmid, heeft mij veel kwaad gedaan; de Heer zal hem zijn verdiende loon geven.
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Psalmen 74:18

Bedenk dit, HEER, nu de vijand u bespot en dwazen uw naam beschimpen.
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Psalmen 116:4

Toen riep ik de naam van de HEER: 'HEER, red toch mijn leven!'
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Richteren 5:31

HEER, laat zo al uw vijanden ten onder gaan, en maak wie u liefhebben onstuitbaar als de opgaande zon.' Veertig jaar had het land rust.
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Psalmen 58:10

(58:11) Verheugd is de rechtvaardige als hij vergelding ziet, in het bloed van de wettelozen wast hij zijn voeten.
Gerelateerd aan Richteren 16:28

2 Kronieken 20:12

God, straft u hen af. Wij zijn niet opgewassen tegen de grote legermacht die ons nu aanvalt. Wij weten niet wat we moeten doen, op u zijn onze ogen gevestigd.'
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Richteren 15:18

Hij had ondertussen erge dorst gekregen, en daarom riep hij tot de HEER: 'Aan u, Heer, heb ik deze geweldige overwinning te danken. Moet ik nu sterven van de dorst en alsnog in handen vallen van die onbesnedenen?'
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Hebreeën 11:32

Wat valt hier nog aan toe te voegen? De tijd ontbreekt me om te vertellen over Gideon en Barak, Simson en Jefta, David en Samuël, en over de profeten,
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Psalmen 91:15

Roep je mij aan, ik geef antwoord, in de nood zal ik bij je zijn, je bevrijden en met roem overladen,
Gerelateerd aan Richteren 16:28

Jona 2:7

(2:8) Nu mijn levensadem mij verlaat roep ik u aan, HEER, en mijn gebed komt tot u in uw heilige tempel.