Gerelateerd aan Richteren 14:4

Gerelateerd aan Richteren 14:4

Jozua 11:20

De HEER had namelijk alle volken zo eigenzinnig gemaakt dat ze hoe dan ook oorlog tegen Israël wilden voeren. Daarom hoefden de Israëlieten die volken niet te sparen en konden ze die vernietigen. Ja, zo konden ze die volken uitroeien, zoals de HEER aan Mozes had opgedragen.
Gerelateerd aan Richteren 14:4

Richteren 13:1

Weer deden de Israëlieten wat slecht is in de ogen van de HEER. Daarom leverde de HEER hen veertig jaar lang over aan de Filistijnen.
Gerelateerd aan Richteren 14:4

Richteren 15:11

Toen gingen drieduizend Judeeërs naar Simsons rotshol bij Etam. 'Hoe kon je ons dit aandoen?' vroegen ze. 'Je weet toch dat de Filistijnen hier de baas zijn!' Maar Simson zei: 'Ik heb hun alleen betaald gezet wat zij mij hebben aangedaan.'
Gerelateerd aan Richteren 14:4

2 Koningen 6:33

Elisa was nog niet uitgesproken, of daar kwam de bode van de koning al aan. 'De HEER heeft deze ellende over ons gebracht, 'zei hij. 'Waarom zou ik mijn hoop dan nog op hem vestigen?'
Gerelateerd aan Richteren 14:4

2 Kronieken 10:15

De koning gaf dus geen gehoor aan het verzoek van het volk. God had dit zo beschikt om in vervulling te laten gaan wat de HEER bij monde van Achia uit Silo aan Jerobeam, de zoon van Nebat, had voorzegd.
Gerelateerd aan Richteren 14:4

1 Koningen 12:15

De koning gaf dus geen gehoor aan het verzoek van het volk. De HEER had dit zo beschikt om in vervulling te laten gaan wat hij bij monde van Achia uit Silo aan Jerobeam, de zoon van Nebat, had voorzegd.
Gerelateerd aan Richteren 14:4

Psalmen 115:3

Onze God is in de hemel, hij doet wat hem behaagt.
Gerelateerd aan Richteren 14:4

2 Kronieken 22:7

Dit bezoek aan Joram werd Achazja door Gods beschikking fataal. Toen Achazja bij Joram was, reden ze samen Jehu, de zoon van Nimsi, tegemoet, die door de HEER gezalfd was om het koningshuis van Achab uit te roeien.
Gerelateerd aan Richteren 14:4

Deuteronomium 28:48

zult u de vijand die de HEER op u afstuurt moeten dienen, en dat zal gepaard gaan met honger en dorst, met een tekort aan kleding, met gebrek aan alles. U krijgt een loodzwaar juk opgelegd, tot er niemand meer over is.
Gerelateerd aan Richteren 14:4

2 Kronieken 25:20

Maar Amasja luisterde niet, want God had beschikt dat Juda in handen van de vijand zou vallen omdat het zijn heil had gezocht bij de goden van Edom.