Gerelateerd aan Richteren 11:26
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Deuteronomium 2:36
Vanaf Aroër aan de rand van het Arnondal-vanaf de stad in het dal-tot aan Gilead toe was geen stad voor ons onneembaar; de HEER, onze God, liet ons over dit hele gebied zegevieren.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Jozua 12:5
Hij heerste over het Hermongebergte, Salka en heel Basan tot aan de gebieden Gesur en Maächa, en verder over de andere helft van Gilead tot aan het gebied van koning Sichon uit Chesbon.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Jozua 23:1
(1-2) De HEER had Israël aan alle grenzen rust gegeven door het volledig van zijn vijanden te verlossen. Vele jaren later riep Jozua, die toen op hoge leeftijd was gekomen, heel Israël, de oudsten, stamhoofden, rechters en griffiers bijeen. Hij zei tegen hen: 'Ik heb niet lang meer te leven.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Numeri 21:25
Israël nam alle steden van de Amorieten in en ging er wonen, ook in Chesbon en de omliggende dorpen.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Richteren 3:11
Veertig jaar had het land rust. Toen stierf Otniël.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Richteren 5:31
HEER, laat zo al uw vijanden ten onder gaan, en maak wie u liefhebben onstuitbaar als de opgaande zon.' Veertig jaar had het land rust.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Deuteronomium 2:24
De HEER zei: ‘Breek nu het kamp op en steek het dal van de Arnon over. Hierbij lever ik Sichon, de Amoritische koning van Chesbon, met zijn land aan je uit. Val aan, daag hem uit en neem zijn land in bezit.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Richteren 10:8
Nog datzelfde jaar begonnen zij Israël te knechten en te knevelen: achttien jaar lang onderdrukten ze de Israëlieten die aan de overkant van de Jordaan woonden, in Gilead, het gebied dat ooit aan de Amorieten had toebehoord.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Deuteronomium 3:6
We doodden alle inwoners, zoals we eerder hadden gedaan bij Sichon, de koning van Chesbon. In elke stad doodden we de mannen, vrouwen en kinderen.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Jozua 11:18
Hij voerde lange tijd oorlog tegen die koningen,
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Jozua 12:2
Koning Sichon van de Amorieten, die in Chesbon zetelde. Hij heerste vanaf Aroër aan de rand van het Arnondal, beter gezegd, vanaf de middenloop van de Arnon, tot aan het dal van de Jabbok, dat de grens met het land van de Ammonieten vormde. Zijn gebied omvatte de ene helft van Gilead
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Richteren 3:30
Moab moest die dag buigen voor Israël, en het land had tachtig jaar rust.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Richteren 10:2
Drieëntwintig jaar was hij rechter over Israël. Toen stierf hij en werd begraven in Samir.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Richteren 8:28
Midjan kwam de nederlaag niet meer te boven en moest het hoofd buigen voor Israël. Onder Gideon had het land veertig jaar rust.
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Deuteronomium 3:2
Toen zei de HEER tegen mij: ‘Je hoeft niet bang voor hem te zijn, want ik lever hem aan je uit, met heel zijn leger en zijn land. Doe met hem hetzelfde als wat je gedaan hebt met Sichon, de koning van de Amorieten, die in Chesbon zetelde.’
Gerelateerd aan Richteren 11:26
Richteren 9:22
Drie jaar had Abimelech het in Israël voor het zeggen.