Gerelateerd aan Richteren 1:1
Gerelateerd aan Richteren 1:1
Numeri 27:21
Wanneer er een beslissing moet worden genomen, moet hij zich tot de priester Eleazar wenden, en die raadpleegt dan ten overstaan van de HEER de orakelstenen. Zijn uitspraak bepaalt of Jozua met de andere Israëlieten een veldtocht moet ondernemen of niet.'
Gerelateerd aan Richteren 1:1
Richteren 20:28
en de priester Pinechas, die een zoon was van Eleazar, de zoon van Aäron, deed er dienst in het heiligdom. 'Moeten we onze broeders, de Benjaminieten, nog een keer aanvallen of moeten we het opgeven?' vroegen ze, en de HEER antwoordde: 'Val aan, morgen lever ik hen aan jullie uit.'
Gerelateerd aan Richteren 1:1
Richteren 20:18
Voor de aanvang van de strijd gingen de Israëlieten naar Betel om God te raadplegen: 'Wie van ons moet als eerste oprukken tegen de Benjaminieten?' vroegen ze. 'Juda, 'antwoordde de HEER.
Gerelateerd aan Richteren 1:1
Richteren 3:1
(1-2) Om de Israëlieten die de strijd tegen de Kanaänieten niet hadden meegemaakt te leren hoe het er in de oorlog aan toegaat (dus alleen om de nieuwe generaties die nog geen ervaring met de strijd hadden opgedaan daarmee vertrouwd te maken), had de HEER de volgende volken in het land laten blijven:
Gerelateerd aan Richteren 1:1
1 Samuel 23:9
David wist wel dat Saul kwaad in de zin had. Daarom vroeg hij de priester Abjatar om met het priestergewaad bij hem te komen.
Gerelateerd aan Richteren 1:1
Exodus 28:30
Leg in de borsttas de twee orakelstenen, zodat Aäron ze op zijn hart draagt wanneer hij voor de HEER verschijnt; in de tegenwoordigheid van de HEER moet hij de stenen voor de orakels over de Israëlieten altijd op zijn hart dragen.
Gerelateerd aan Richteren 1:1
Jozua 24:29
Korte tijd later stierf Jozua, de zoon van Nun, de dienaar van de HEER, op de leeftijd van honderdtien jaar.
Gerelateerd aan Richteren 1:1
1 Samuel 22:9
Onder de dienaren van Saul bevond zich ook de Edomiet Doëg. Hij nam het woord en zei: 'Ik heb de zoon van Isaï in Nob gezien, bij Achimelech, de zoon van Achitub.
Gerelateerd aan Richteren 1:1
Richteren 1:27
De stam Manasse heeft zich niet meester gemaakt van Bet-San en Taänach en de omliggende dorpen. Ze verdreven ook de inwoners van Dor, Jibleam en Megiddo en de omliggende dorpen niet; in dit gebied handhaafden de Kanaänieten zich.