Gerelateerd aan Psalmen 80:13

Gerelateerd aan Psalmen 80:13

Jeremia 4:7

Zoals een leeuw uit het struikgewas springt, zo doemt een vernietiger van volken op, rukt de vijand op uit zijn gebied. Hij maakt je land tot een woestenij. Je steden vallen in puin, worden ontvolkt.
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

Jeremia 5:6

Daarom werden ze gedood door leeuwen uit het bos, verscheurd door wolven uit de steppe, daarom loerden panters op hun steden. Ieder die zich buiten waagde, werd verscheurd. Niet te tellen zijn hun misdaden, hun ontrouw bleek talloze malen.’
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

2 Koningen 24:1

Tijdens de regering van Jojakim viel koning Nebukadnessar van Babylonië het land binnen en maakte hij Jojakim tot zijn vazal. En toen Jojakim na drie jaar rebelleerde en tegen Nebukadnessar in opstand kwam,
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

Jeremia 52:7

werd er een bres in de stadsmuur geslagen. Hoewel de Chaldeeën de stad omsingelden, wisten de soldaten ‘s nachts te ontkomen. Ze verlieten de stad via de poort tussen de beide stadsmuren die uitkwam op de tuin van de koning. Ze vluchtten in de richting van de Jordaanvallei,
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

Jeremia 39:1

-in het negende regeringsjaar van koning Sedekia van Juda, in de tiende maand, kwam koning Nebukadnessar van Babylonië met heel zijn leger bij Jeruzalem aan en sloeg het beleg voor de stad;
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

2 Koningen 18:1

Hizkia, de zoon van Achaz, werd koning van Juda in het derde regeringsjaar van koning Hosea van Israël, de zoon van Ela.
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

2 Kronieken 36:1

Josia's zoon Joachaz werd door het volk in Jeruzalem als opvolger van zijn vader tot koning uitgeroepen.
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

2 Kronieken 32:1

Nadat Jechizkia met deze maatregelen de HEER trouw had bewezen, viel koning Sanherib van Assyrië Juda binnen en belegerde de versterkte steden, ervan overtuigd dat hij ze met geweld zou kunnen innemen.
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

Jeremia 51:34

“Koning Nebukadnessar van Babylonië heeft mij in stukken gereten, opgevreten. Hij heeft van mij een lege schotel gemaakt. Als een krokodil heeft hij me opgeslokt. Hij heeft zijn buik gevuld met mijn beste vlees en me daarna weggegooid, ” zegt Israël.
Gerelateerd aan Psalmen 80:13

Jeremia 52:12

Op de tiende dag van de vijfde maand, in het negentiende regeringsjaar van koning Nebukadnessar van Babylonië, trok diens vertegenwoordiger Nebuzaradan, de commandant van zijn lijfwacht, Jeruzalem binnen.