SV
5Die mij zonder oorzaak haten, zijn meer dan de haren mijns hoofds; die mij zoeken te vernielen, die mij om valse oorzaken vijand zijn, zijn machtig geworden; wat ik niet geroofd heb, moet ik alsdan wedergeven.
6O God! Gij weet van mijn dwaasheid, en mijn schulden zijn voor U niet verborgen.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637