Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Genesis 4:17
Kaïn had gemeenschap met zijn vrouw, en zij werd zwanger en bracht Henoch ter wereld. Kaïn was toen een stad aan het bouwen en hij noemde die Henoch, naar zijn zoon.
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Psalmen 64:6
(64:7) Ze zinnen op misdaden en denken: 'We lijken onschuldig, zo verborgen is ons plan. -Diep als een afgrond is het hart van de mens.'
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Psalmen 5:9
(5:10) Onwaarheid komt uit hun mond, onheil huist in hun hart, een open graf is hun keel, gespleten is hun tong.
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Ezechiel 38:10
Dit zegt God, de HEER: Als het zover is, zul je boze plannen uitdenken.
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
2 Samuel 18:18
Absalom had bij zijn leven voor zichzelf een gedenksteen opgericht in de Koningsvallei. Omdat hij, zoals hij zei, geen zoon had om zijn naam te doen voortleven, gaf hij de gedenksteen zijn eigen naam. Tot op de dag van vandaag wordt deze het Gedenkteken van Absalom genoemd.
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Psalmen 10:6
Hij denkt bij zichzelf: Ik kom niet ten val, nooit kan het kwaad mij deren.
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Handelingen 8:22
Toon berouw over uw verfoeilijke gedrag en smeek de Heer of hij u uw slechte gedachten wil vergeven,
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Lukas 11:39
Maar de Heer zei tegen hem: ‘Ach, jullie Farizeeën! De buitenkant van de beker en de schotel reinigen jullie, maar jullie eigen binnenkant is vol roofzucht en slechtheid.
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
1 Samuel 15:12
De volgende morgen vroeg wilde hij Saul tegemoet gaan. Men vertelde hem dat Saul in Karmel was geweest en daar voor zichzelf een gedenkteken had opgericht, en toen was doorgereisd naar Gilgal.
Gerelateerd aan Psalmen 49:11
Deuteronomium 3:14
Jaïr, een nakomeling van Manasse, veroverde het gebied van Argob tot aan de grens met Gesur en Maächa en noemde Basan de Dorpen van Jaïr, naar zichzelf, en zo heet het tot op de dag van vandaag.