1Een psalm van David, voor den opperzangmeester. De dwaas zegt in zijn hart: Er is geen God. Zij verderven het, zij maken het gruwelijk met hun werk; er is niemand, die goed doet.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637
KJV
1The fool hath said in his heart, There is no God. They are corrupt, they have done abominable works, there is none that doeth good.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de King James Version
Helaas geen NBV vertaling meer. Binnen de huidige voorwaarden van het Nederlands-Vlaams Bijbelgenootschap is dit momenteel niet toegestaan.