Gerelateerd aan Prediker 2:7
Gerelateerd aan Prediker 2:7
Job 1:3
Hij bezat zevenduizend schapen en geiten, drieduizend kamelen, vijfhonderd span runderen, vijfhonderd ezelinnen en een groot aantal slaven en slavinnen. Hij was de aanzienlijkste man van het Oosten.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
Genesis 13:2
Abram was bijzonder rijk: hij had veel vee, zilver en goud.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
Genesis 14:14
Toen Abram hoorde dat zijn neef gevangengenomen was, bracht hij allen op de been die in zijn huis opgegroeid waren en met de wapens konden omgaan-driehonderdachttien in getal-en achtervolgde Kedorlaomer en diens bondgenoten tot aan Dan.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
2 Kronieken 26:10
Ook bouwde hij uitkijktorens in de woestijn en liet tal van regenputten uithouwen. Hij bezat veel vee, en er werkten boeren voor hem in het heuvelland en op de hoogvlakte, en wijnbouwers in de bergen en op vruchtbare grond, want de landbouw ging hem zeer ter harte.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
1 Kronieken 27:29
De Saroniet Sitrai kreeg de verantwoordelijkheid voor het rundvee dat in de Saron weidde, en Safat, de zoon van Adlai, voor het rundvee in de valleien.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
2 Koningen 3:4
Koning Mesa van Moab was schapenfokker. Hij moest aan de koning van Israël jaarlijks honderdduizend lammeren afstaan en honderdduizend ongeschoren rammen.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
Ezra 2:58
in totaal 392 tempelknechten en afstammelingen van de slaven van Salomo.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
1 Koningen 4:23
(5:3) tien gemeste runderen, nog twintig runderen, honderd schapen en geiten, en dan nog herten, gazellen, reebokken en gemeste hoenders.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
Nehemia 7:57
Afstammelingen van de slaven van Salomo: afstammelingen van Sotai, Soferet, Perida,
Gerelateerd aan Prediker 2:7
1 Koningen 9:20
(20-21) Salomo legde aan alle bevolkingsgroepen die niet tot het volk van Israël behoorden herendienst op, dat wil zeggen aan de Amorieten, Hethieten, Perizzieten, Chiwwieten en Jebusieten die nog in het land woonden omdat de Israëlieten er niet in waren geslaagd ze te vernietigen. Deze maatregel geldt tot op de dag van vandaag.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
Genesis 17:12
In elke generatie opnieuw moet iedereen van het mannelijk geslacht besneden worden wanneer hij acht dagen oud is. Dit geldt niet alleen voor wie tot je eigen volk behoort maar ook voor jullie slaven, of ze nu bij jullie geboren zijn of van vreemdelingen zijn gekocht;
Gerelateerd aan Prediker 2:7
2 Kronieken 32:27
Jechizkia vergaarde zeer veel rijkdom en roem. Hij liet schatkamers bouwen voor zilver, goud, edelstenen, reukwerk, schilden en allerlei andere kostbare voorwerpen,
Gerelateerd aan Prediker 2:7
Job 42:12
De HEER zegende Job in zijn latere leven nog meer dan in zijn vroegere, en zo kreeg Job veertienduizend schapen en geiten, zesduizend kamelen, duizend span runderen en duizend ezelinnen.
Gerelateerd aan Prediker 2:7
Genesis 15:3
U hebt mij immers geen nakomelingen gegeven; daarom zal een van mijn dienaren mijn erfgenaam worden.’