Gerelateerd aan Nehemia 10:32-39
Gerelateerd aan Nehemia 10:32
Exodus 30:11
De HEER zei tegen Mozes:
Gerelateerd aan Nehemia 10:32
Mattheüs 17:24
Toen ze in Kafarnaüm waren aangekomen, kwamen de inners van de tempelbelasting bij Petrus en vroegen: ‘Draagt uw meester de dubbeldrachme niet af?’
Gerelateerd aan Nehemia 10:32
Spreuken 3:9
Eer de HEER met al je rijkdom, met het beste van de oogst.
Gerelateerd aan Nehemia 10:32
Genesis 28:22
Deze steen die ik gewijd heb, zal dan een huis van God worden-en ik beloof dat ik u dan een tiende deel zal afstaan van alles wat u mij geeft.’
Gerelateerd aan Nehemia 10:32
2 Korinthe 8:12
Als u bereid bent mee te doen, wordt niet verwacht dat u geeft van wat u niet heeft, maar van wat u heeft.
Gerelateerd aan Nehemia 10:33
2 Kronieken 2:4
(2:3) Nu wil ik beginnen met de bouw van een tempel voor de naam van de HEER, mijn God. Die zal ik aan hem wijden om hem er reukoffers te brengen, met vaste regelmaat toonbroden neer te leggen en er 's morgens en 's avonds, op sabbat, nieuwemaan en de hoogtijdagen van de HEER, onze God, brandoffers op te dragen zoals dat aan Israël is opgelegd als een eeuwige verplichting.
Gerelateerd aan Nehemia 10:33
Numeri 28:1
De HEER zei tegen Mozes:
Gerelateerd aan Nehemia 10:33
Leviticus 24:5
Bak van tarwebloem twaalf broden van twee tiende efa per stuk.
Gerelateerd aan Nehemia 10:33
2 Kronieken 24:5
Hij riep de priesters en de Levieten bijeen en droeg hun het volgende op: 'Ga naar de steden van Juda en zamel in heel Israël zilver in voor het jaarlijkse onderhoud van de tempel van uw God. Zet zo veel mogelijk spoed achter deze zaak.' Maar de Levieten maakten geen haast.
Gerelateerd aan Nehemia 10:33
Hebreeën 10:11
De priesters blijven dagelijks hun dienst verrichten en steeds opnieuw dezelfde offers opdragen die de zonden nooit teniet zullen kunnen doen,
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
Nehemia 13:31
en ook voor de levering van hout op vastgestelde tijden, en voor de aanvoer van de eerste oogst. Reken het mij, mijn God, ten goede aan.
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
Jesaja 40:16
Zelfs de Libanon levert te weinig hout, te weinig wild voor een brandoffer.
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
Nehemia 11:1
De leiders van het volk gingen in Jeruzalem wonen, en de rest van het volk wierp het lot, want één op de tien families moest in Jeruzalem, de heilige stad, gaan wonen, en de negen andere in een andere stad.
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
Leviticus 6:12
(6:5) Het vuur op het altaar moet blijven branden, het mag niet doven. Elke ochtend moet de priester hout op het vuur doen, er een nieuw brandoffer op leggen en het vet van het vredeoffer erop verbranden.
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
1 Kronieken 24:7
Het eerste lot viel op Jojarib, het tweede op Jedaja,
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
Hebreeën 10:3
Het tegendeel is echter waar: elk jaar worden met dezelfde offers de zonden weer in herinnering geroepen-
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
1 Kronieken 25:8
De zangers werden door loting in wisseldienst ingedeeld, zonder onderscheid te maken tussen oud en jong, volleerde zangers en leerlingen.
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
Spreuken 18:18
Het lot kan een geschil beslechten, het bemiddelt zelfs tussen de grootste heethoofden.
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
Jozua 9:27
maar maakte hen op die dag tot houthakkers en waterputters voor heel Israël en voor het altaar van de HEER, dat op een plaats zou komen die de HEER zou kiezen. Ze zijn dit tot op de dag van vandaag.
Gerelateerd aan Nehemia 10:34
1 Kronieken 24:5
Ze werden door loting ingedeeld, zonder onderscheid, want zowel onder de nakomelingen van Eleazar als onder de nakomelingen van Itamar bevinden zich dienaren van het heiligdom en dienaren van God.
1
2
3
4