Gerelateerd aan Mattheüs 10:32-33

Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

Openbaring 3:5

Wie overwint zal zich ook in het wit kleden. Ik zal zijn naam niet uit het boek van het leven schrappen, maar juist voor hem getuigen ten overstaan van mijn Vader en zijn engelen.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

Lukas 12:8

Ik zeg jullie: iedereen die mij erkent bij de mensen, zal ook door de Mensenzoon worden erkend bij de engelen van God.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

Romeinen 10:9

Als uw mond belijdt dat Jezus de Heer is en uw hart gelooft dat God hem uit de dood heeft opgewekt, zult u worden gered.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

2 Timotheüs 1:8

Schaam je er dus niet voor om van onze Heer te getuigen; schaam je ook niet voor mij, die omwille van hem gevangen zit, maar deel in het lijden voor het evangelie, met de kracht die God je geeft.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

1 Johannes 4:15

Als iemand belijdt dat Jezus de Zoon van God is, blijft God in hem en blijft hij in God.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

Openbaring 2:13

Ik weet waar u woont, namelijk waar Satans troon staat. U bent mijn naam trouw gebleven en hebt uw geloof in mij niet verloochend, ook niet toen Antipas, mijn betrouwbare getuige, werd gedood in uw stad, waar ook Satan woont.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

1 Samuel 2:30

Welnu-spreekt de HEER, de God van Israël-, ooit heb ik plechtig verklaard dat jouw familie mij van vader op zoon ter zijde zou staan. Maar nu-spreekt de HEER -kom ik daarvan terug. Wie mij hoogachten acht ik hoog, maar verachtelijk zijn zij die mij geringschatten!
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

Johannes 9:22

Dat zeiden de ouders omdat ze bang waren voor de Joden, omdat die toen al besloten hadden dat ze iedereen die Jezus als de messias zou erkennen uit de synagoge zouden zetten.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

Mattheüs 25:34

Dan zal de koning tegen de groep rechts van zich zeggen: “Jullie zijn door mijn Vader gezegend, kom en neem deel aan het koninkrijk dat al sinds de grondvesting van de wereld voor jullie bestemd is.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

1 Timotheüs 6:12

Strijd de goede strijd van het geloof, win het eeuwige leven waartoe je geroepen bent en waarvan je in aanwezigheid van velen zo'n krachtig getuigenis hebt afgelegd.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:32

Psalmen 119:46

Dan kan ik zelfs voor koningen getuigen van uw richtlijnen, zonder schaamte.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

2 Timotheüs 2:12

als wij volharden, zullen we ook met hem heersen; als wij hem verloochenen, zal hij ons ook verloochenen;
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

Lukas 9:26

Wie zich schaamt voor mij en mijn woorden, zal merken dat de Mensenzoon zich ook voor hem schaamt, wanneer hij komt in de stralende luister die hemzelf, de Vader en de heilige engelen omgeeft.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

1 Johannes 2:23

Ieder die de Zoon niet erkent, heeft ook de Vader niet. Wie de Zoon erkent, heeft ook de Vader.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

Lukas 12:9

Maar wie mij verloochent bij de mensen, zal verloochend worden bij de engelen van God.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

2 Petrus 2:1

Toch zijn er destijds onder het volk ook valse profeten opgetreden, en zo zullen er ook onder u dwaalleraren verschijnen. Ze zullen met verderfelijke ketterijen komen en zelfs de meester die hen heeft vrijgekocht verloochenen. Daarmee bewerken ze spoedig hun eigen ondergang.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

Markus 8:38

Wie zich tegenover de trouweloze en zondige mensen van deze tijd schaamt voor mij en mijn woorden, zal merken dat de Mensenzoon zich ook voor hem schaamt, wanneer hij komt in het gezelschap van de heilige engelen en bekleed met de stralende luister van zijn Vader.’
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

Markus 14:30

Jezus antwoordde: ‘Ik verzeker je: juist jij zult me vannacht, nog voor de haan tweemaal gekraaid heeft, driemaal verloochenen.’
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

Markus 14:72

En meteen kraaide de haan voor de tweede keer. En Petrus herinnerde zich dat Jezus tegen hem gezegd had: ‘Voordat een haan tweemaal heeft gekraaid, zul je mij driemaal verloochenen.’ En toen hem dat te binnen schoot, begon hij te huilen.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:33

Mattheüs 26:70

Maar hij ontkende dat met klem, zodat allen het konden horen: ‘Ik weet niet waar je het over hebt.’