Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Johannes 1:49
‘Rabbi, u bent de Zoon van God, u bent de koning van Israël!’ zei Natanaël.
Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Mattheüs 27:37
Boven zijn hoofd bevestigden ze de aanklacht, die luidde: ‘Dit is Jezus, de koning van de Joden’.
Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Johannes 12:47
Als iemand mijn woorden hoort maar ze niet bewaart, zal ik niet over hem oordelen. Ik ben immers niet gekomen om over de wereld te oordelen, maar om de wereld te redden.
Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Johannes 12:13
haalden ze palmtakken en liepen ze de stad uit, hem tegemoet, terwijl ze riepen: ‘Hosanna! Gezegend hij die komt in de naam van de Heer, de koning van Israël.’
Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Johannes 9:24
Toen riepen ze de man die blind geweest was weer bij zich. ‘Geef Gód de eer, ‘zeiden ze, ‘die man is een zondaar, dat weten we toch.’
Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Mattheüs 2:2
Ze vroegen: ‘Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Wij hebben namelijk zijn ster zien opgaan en zijn gekomen om hem eer te bewijzen.’
Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Lukas 19:38
Ze riepen: ‘Gezegend hij die komt als koning, in de naam van de Heer! Vrede in de hemel en eer aan de Allerhoogste!’
Gerelateerd aan Mattheüs 27:42
Handelingen 4:14
Maar omdat ze de man die genezen was bij hen zagen staan, konden ze niets tegen hun woorden inbrengen.