Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Hebreeën 11:24
Door zijn geloof weigerde Mozes, toen hij volwassen werd, aangesproken te worden als zoon van een dochter van de farao.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Lukas 23:44
(44-45) Rond het middaguur werd het donker in het hele land omdat de zon verduisterde. De duisternis hield drie uur aan. Toen scheurde het voorhangsel van de tempel doormidden.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Johannes 11:9
Jezus zei: ‘Telt een dag niet twaalf uren? Wie overdag loopt, struikelt niet, want hij ziet het licht van deze wereld,
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Johannes 4:6
waar de Jakobsbron is. Jezus was vermoeid van de reis en ging bij de bron zitten; het was rond het middaguur.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Markus 15:33
Op het middaguur viel er een duisternis over het hele land, die drie uur aanhield.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Handelingen 10:3
Op een dag kreeg hij omstreeks het negende uur een visioen, waarin hij duidelijk zag hoe een engel van God zijn huis binnenkwam. Hij hoorde hem zeggen: ‘Cornelius!’
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
2 Kronieken 33:12
Toen Manasse zo in het nauw gedreven was, probeerde hij de HEER, zijn God, mild te stemmen door zich voor de God van zijn voorouders te verootmoedigen.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Mattheüs 27:45
Rond het middaguur viel er duisternis over het hele land, die drie uur aanhield.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Johannes 1:39
Hij zei: ‘Kom maar mee, dan zul je het zien.’ Ze gingen met hem mee en zagen waar hij onderdak had gevonden; het was ongeveer twee uur voor zonsondergang en ze bleven die dag bij hem.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Handelingen 3:1
Op een dag gingen Petrus en Johannes zoals gewoonlijk omstreeks het negende uur naar de tempel voor het middaggebed.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Genesis 12:1
De HEER zei tegen Abram: ‘Trek weg uit je land, verlaat je familie, verlaat ook je naaste verwanten, en ga naar het land dat ik je zal wijzen.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Jozua 24:2
sprak hij tot het volk: 'Dit zegt de HEER, de God van Israël: Jullie voorouders woonden lang geleden ten oosten van de Eufraat. Het waren Terach en zijn zonen Abraham en Nachor. Ze dienden andere goden.
Gerelateerd aan Mattheüs 20:5
Handelingen 10:9
De volgende dag, nog voordat de afgezanten van Cornelius in Joppe waren aangekomen, ging Petrus omstreeks het middaguur naar het dak van het huis om daar te bidden.