Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Filippensen 3:8

Sterker nog, alles beschouw ik als verlies. Het kennen van Christus Jezus, mijn Heer, overtreft immers alles. Omwille van hem heb ik alles prijsgegeven; ik heb alles als afval weggegooid. Ik wilde Christus winnen
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Lukas 5:11

En nadat ze de boten aan land hadden gebracht, lieten ze alles achter en volgden hem.
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Markus 10:28

Petrus nam het woord en zei: ‘Maar wij hebben alles achtergelaten om u te volgen!’
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Markus 1:17

Jezus zei tegen hen: ‘Kom, volg mij! Ik zal van jullie vissers van mensen maken.’
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Lukas 15:29

Hij zei tegen zijn vader: “Al jarenlang werk ik voor u en nooit ben ik u ongehoorzaam geweest als u mij iets opdroeg, en u hebt mij zelfs nooit een geitenbokje gegeven om met mijn vrienden feest te vieren.
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Mattheüs 4:20

Ze lieten meteen hun netten achter en volgden hem.
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Lukas 18:28

Toen zei Petrus: ‘Maar wij hebben alles wat we bezaten achtergelaten om u te volgen.’
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Markus 2:14

Toen hij langs het meer liep, zag hij Levi, de zoon van Alfeüs, bij het tolhuis zitten, en hij zei tegen hem: ‘Volg mij.’ Levi stond op en volgde hem.
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

1 Korinthe 1:29

Zo kan geen mens zich tegenover God op iets beroemen.
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Lukas 14:33

Zo geldt ook voor jullie: wie geen afstand doet van al zijn bezittingen, kan mijn leerling niet zijn.
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Mattheüs 20:10

En toen zij die als eersten waren gekomen naar voren stapten, dachten ze dat zij wel meer zouden krijgen. Maar ook zij kregen ieder die ene denarie.
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Lukas 5:27

Daarna ging hij naar buiten en zag hij bij het tolhuis een tollenaar zitten die Levi heette. Hij zei tegen hem: ‘Volg mij!’
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

1 Korinthe 4:7

Wie denkt u dat u bent? Bezit u ook maar iets dat u niet geschonken is? Alles is u geschonken, dus waarom schept u dan op alsof u het zelf verworven hebt?
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Deuteronomium 33:9

Hij had geen mededogen met zijn vader en moeder, zijn eigen broers ontzag hij niet, zijn kinderen waren als vreemden voor hem. Want de Levieten hielden zich aan wat u gebood, het verbond dat u sloot bleven ze trouw.
Gerelateerd aan Mattheüs 19:27

Mattheüs 9:9

Toen Jezus van daar verderging, zag hij bij het tolhuis een man zitten die Matteüs heette, en hij zei tegen hem: ‘Volg mij.’ Hij stond op en volgde hem.