Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Lukas 6:45

Een goed mens brengt uit de goede schatkamer van zijn hart het goede voort, maar een slecht mens brengt uit zijn slechte schatkamer het kwade voort; want waar het hart vol van is daar loopt de mond van over.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Mattheüs 15:18

Wat daarentegen de mond uitgaat komt uit het hart, en die dingen maken een mens onrein.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Jakobus 3:5

Zo is ook de tong een klein orgaan, maar wat een grootspraak kan hij voortbrengen! Bedenk eens hoe een kleine vlam een enorme bosbrand veroorzaakt.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

1 Samuel 24:13

(24:14) Zoals het oude spreekwoord luidt: Slechte mensen, slechte daden. Nee, ik zal mijn hand niet tegen u opheffen.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Efeze 4:29

Laat geen vuile taal over uw lippen komen, maar alleen goede en waar nodig opbouwende woorden, die goed doen aan wie ze hoort.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

1 Johannes 3:10

Hieraan is te zien wie kinderen van God en wie kinderen van de duivel zijn: wie niet rechtvaardig leeft, komt niet uit God voort. Hetzelfde geldt voor wie zijn broeder of zuster niet liefheeft.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Jesaja 32:6

Want een dwaas spreekt dwaas en zijn hart brengt ongerechtigheid voort: hij handelt goddeloos en hij lastert de HEER; wie honger lijdt laat hij onverzadigd, de dorstige geeft hij niets te drinken.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Mattheüs 12:35

Een goed mens haalt uit zijn schatkamer met goede dingen het goede te voorschijn, terwijl een slecht mens uit zijn schatkamer met slechte dingen het slechte te voorschijn haalt.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Johannes 8:44

Uw vader is de duivel, en u doet maar al te graag wat uw vader wil. Hij is vanaf het begin een moordenaar geweest. Hij hoort niet bij de waarheid, omdat er geen waarheid in hem is. Wanneer hij liegt, spreekt hij zoals hij is: een aartsleugenaar, de vader van de leugen.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Romeinen 3:10

Zo staat er ook geschreven: 'Er is geen mens rechtvaardig, zelfs niet één,
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Psalmen 140:2

(140:3) In hun hart bedenken zij boze plannen, heel de dag zoeken ze strijd.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Psalmen 10:6

Hij denkt bij zichzelf: Ik kom niet ten val, nooit kan het kwaad mij deren.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Mattheüs 3:7

Toen hij zag dat veel Farizeeën en Sadduceeën op zijn doop afkwamen, zei hij tegen hen: ‘Addergebroed, wie heeft jullie wijsgemaakt dat je veilig bent voor het komende oordeel?
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Jesaja 59:14

Het recht is verdrongen en de gerechtigheid blijft ver van ons; de waarheid struikelt op straat en de oprechtheid krijgt nergens toegang.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Psalmen 64:3

(64:4) Ze scherpen hun tong als een mes, ze richten hun pijl, een giftig woord,
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Psalmen 53:1

Voor de koorleider. Op de wijs van De rietpijp. Een kunstig lied van David. (53:2) Dwazen denken bij zichzelf: Er is geen God. Verdorven zijn ze, en gruwelijk is hun onrecht, geen van hen deugt.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Mattheüs 23:33

Slangen zijn jullie, addergebroed, hoe denken jullie te kunnen ontkomen aan een veroordeling tot de Gehenna?
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Lukas 3:7

Johannes zei tegen de mensen die massaal uitliepen om zich door hem te laten dopen: ‘Addergebroed, wie heeft jullie wijsgemaakt dat je veilig bent voor het komende oordeel?
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Psalmen 52:2

(52:4) Je zint op ongeluk, je tong is het scherpe mes van een bedrieger.
Gerelateerd aan Mattheüs 12:34

Jesaja 59:4

Geen aanklacht is nog zuiver, geen rechtszaak wordt eerlijk gevoerd. Ze vertrouwen op leegte en spreken bedrieglijke taal, ze zijn zwanger van onrecht en baren misdaad.
1
2
Volgende