Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Mattheüs 26:14
Daarop ging een van de twaalf, die met de naam Judas Iskariot, naar de hogepriesters
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Mattheüs 26:47
Nog voor hij uitgesproken was, kwam Judas eraan, een van de twaalf, in gezelschap van een grote, met zwaarden en knuppels bewapende bende, die door de hogepriesters en de oudsten van het volk was gestuurd.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Markus 3:18
Andreas, Filippus, Bartolomeüs, Matteüs, Tomas, Jakobus, de zoon van Alfeüs, Taddeüs, Simon Kananeüs
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Markus 14:43
Nog voor hij uitgesproken was, kwam Judas eraan, een van de twaalf, in gezelschap van een met zwaarden en knuppels bewapende bende, die door de hogepriesters, schriftgeleerden en oudsten was gestuurd.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Lukas 22:3
Toen nam Satan bezit van Judas, bijgenaamd Iskariot, een van de twaalf.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Johannes 6:71
Hiermee doelde hij op Judas, de zoon van Simon Iskariot, want hij, een van de twaalf, zou hem uitleveren.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Johannes 13:2
Jezus en zijn leerlingen hielden een maaltijd. De duivel had intussen Judas, de zoon van Simon Iskariot, ertoe aangezet Jezus te verraden.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Lukas 6:15
Matteüs en Tomas, Jakobus, de zoon van Alfeüs, en Simon, die de IJveraar genoemd wordt,
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Johannes 13:26
‘Degene aan wie ik het stuk brood geef dat ik nu in de schaal doop, ‘zei Jezus. Hij doopte een stuk brood in de schaal en gaf het aan Judas, de zoon van Simon Iskariot.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Lukas 22:47
Terwijl hij nog sprak, kwam er opeens een horde mensen aan. Voorop liep de man die Judas heette, een van de twaalf; hij ging naar Jezus toe om hem te kussen.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Markus 14:10
Toen ging Judas Iskariot, een van de twaalf, naar de hogepriesters om hem aan hen uit te leveren.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Handelingen 1:13
Toen ze in de stad waren aangekomen, gingen ze naar het bovenvertrek waar ze verblijf hielden: Petrus en Johannes, Jakobus en Andreas, Filippus en Tomas, Bartolomeüs en Matteüs, Jakobus, de zoon van Alfeüs, en Simon de IJveraar en Judas, de zoon van Jakobus.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Mattheüs 27:3
Toen Judas, die hem had uitgeleverd, zag dat Jezus ter dood veroordeeld was, kreeg hij berouw. Hij bracht de dertig zilverstukken naar de hogepriesters en oudsten terug
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Handelingen 1:25
om als apostel zijn dienende taak te verrichten en de plaats in te nemen van Judas, die zijn ondergang tegemoet is gegaan.’
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Handelingen 1:16
‘Broeders en zusters, het schriftwoord waarin de heilige Geest bij monde van David heeft gesproken over Judas, de gids van hen die Jezus gevangen hebben genomen, moest in vervulling gaan.
Gerelateerd aan Mattheüs 10:4
Johannes 18:2
Judas, zijn verrader, kende deze plek ook, want Jezus was er vaak met zijn leerlingen samengekomen.