Gerelateerd aan Lukas 8:52

Gerelateerd aan Lukas 8:52

Lukas 23:27

Een grote volksmenigte volgde Jezus, evenals enkele vrouwen die zich op de borst sloegen en over hem weeklaagden.
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Johannes 11:4

Toen Jezus dit hoorde zei hij: ‘Deze ziekte loopt niet uit op de dood, maar op de eer van God, zodat de Zoon van God geëerd zal worden.’
Gerelateerd aan Lukas 8:52

2 Samuel 18:33

(19:1) Toen voer er een siddering door de koning. Jammerend trok hij zich terug in het vertrek boven de poort: 'Mijn zoon Absalom, mijn zoon, mijn zoon Absalom! Was ik maar dood in plaats van jij! Absalom, mijn zoon, mijn zoon!'
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Johannes 11:11

Nadat hij dat gezegd had zei hij: ‘Onze vriend Lazarus is ingeslapen, ik ga hem wakker maken.’
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Jeremia 9:17

Zeg: Laten ze zich haasten om voor ons een klaaglied te zingen. Dan vloeien onze tranen, dan baden onze ogen in water.
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Genesis 23:2

Ze stierf in Kirjat-Arba, het huidige Hebron, in Kanaän. Nadat Abraham bij haar gerouwd had en haar had beweend,
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Zacharia 12:10

Het huis van David en de inwoners van Jeruzalem echter zal ik vervullen met een geest van mededogen en inkeer. Ze zullen zich weer naar mij wenden, en over degene die ze hebben doorstoken, zullen ze weeklagen als bij de rouw om een enig kind; hun verdriet zal zo bitter zijn als het verdriet om een oudste zoon.
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Mattheüs 11:17

“Toen we voor jullie op de fluit speelden, wilden jullie niet dansen, toen we een klaaglied zongen, wilden jullie niet rouwen.”
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Markus 5:38

Ze kwamen bij het huis van de leider van de synagoge en zagen daar een groep mensen die luid stonden te huilen en te weeklagen.
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Exodus 24:17

En terwijl de Israëlieten de majesteit van de HEER zagen, als een laaiend vuur op de top van de berg,
Gerelateerd aan Lukas 8:52

Genesis 27:34

Toen Esau dat van zijn vader hoorde, slaakte hij een wilde, wanhopige kreet en hij smeekte zijn vader: ‘Zegen mij, zegen ook mij, vader!’