SV
28Want wie van u, willende een toren bouwen, zit niet eerst neder, en overrekent de kosten, of hij ook heeft, hetgeen tot volmaking nodig is?
29Opdat niet misschien, als hij het fondament gelegd heeft, en niet kan voleindigen, allen, die het zien, hem beginnen te bespotten.
30Zeggende: Deze mens heeft begonnen te bouwen, en heeft niet kunnen voleindigen.
Deze bijbeltekst is ontleend aan aan de Staten Vertaling van 1637