Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Leviticus 5:17
Wie zonder het te weten zondigt tegen een van de geboden van de HEER en schuld op zich laadt door iets te doen dat niet toegestaan is, is strafbaar.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Spreuken 29:24
Een heler doet zichzelf veel kwaad, hij weet dat hij vervloekt wordt, toch geeft hij de dief niet aan.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Leviticus 19:8
Wie ervan eet moet de gevolgen van zijn zonde dragen. Hij heeft ontwijd wat de HEER toebehoort en wordt uit de gemeenschap gestoten.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Leviticus 7:18
Als er op die dag nog van het offervlees wordt gegeten, zal het offer niet worden aanvaard en komt het de offeraar niet ten goede. Het is verwerpelijk en wie ervan eet, zal de gevolgen van zijn zonde dragen.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Mattheüs 26:63
Maar Jezus bleef zwijgen. De hogepriester zei: ‘Ik bezweer u bij de levende God, zeg ons of u de messias bent, de Zoon van God.’
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Leviticus 20:17
Wanneer iemand met zijn zuster trouwt, of ze nu de dochter van zijn vader of van zijn moeder is, en zij dus met elkaar gemeenschap hebben, is dat een schanddaad en zullen beiden publiekelijk uitgestoten worden. Zo iemand heeft gemeenschap gehad met zijn zuster en moet de gevolgen van zijn zonde dragen.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Leviticus 17:16
Wie nalaat zijn kleren en zijn lichaam te wassen, moet de gevolgen van zijn zonde dragen."'
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
1 Koningen 8:31
Wanneer iemand een ander kwaad heeft gedaan en deze van hem eist dat hij een vervloeking over zichzelf uitspreekt, en wanneer hij dan naar uw altaar in deze tempel komt om zichzelf te vervloeken,
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Numeri 9:13
Maar wie rein is en niet op reis en desondanks nalaat het pesachoffer te bereiden, moet uit de gemeenschap gestoten worden omdat hij de HEER niet op de vastgestelde tijd zijn offer heeft gebracht. Zo iemand moet de gevolgen van zijn zonde dragen.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Psalmen 38:4
(38:5) Mijn schuld steekt hoog boven mij uit, als een zware last, te zwaar om te dragen.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Exodus 22:11
(22:10) en die ander zweert bij de HEER dat hij zich niet aan het bezit van de eigenaar vergrepen heeft, dan moet deze daar genoegen mee nemen en hoeft hem niets vergoed te worden.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
1 Petrus 2:24
Hij heeft in zijn lichaam onze zonden het kruishout op gedragen, opdat wij, dood voor de zonde, rechtvaardig zouden leven. Door zijn striemen bent u genezen.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Ezechiel 18:4
Weet dat alle mensenlevens mij toebehoren: zowel het leven van de ouders als dat van hun kinderen ligt in mijn hand, en alleen wie zondigt zal sterven.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Ezechiel 18:20
Iemand die zondigt zal sterven, maar een zoon hoeft niet te boeten voor de schuld van zijn vader, en een vader hoeft niet te boeten voor de schuld van zijn zoon; wie rechtvaardig is wordt als een rechtvaardige behandeld, en een slecht mens wordt voor zijn slechte daden gestraft.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Leviticus 5:15
'Wie heiligschennis pleegt door zich onbewust te vergrijpen aan wat de HEER toebehoort, moet bij wijze van genoegdoening een ram zonder enig gebrek als hersteloffer aan de HEER aanbieden. Het dier moet een waarde hebben van een vastgestelde hoeveelheid zilver, berekend volgens het ijkgewicht van het heiligdom.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Spreuken 30:9
Want als ik rijk zou zijn, zou ik u wellicht verloochenen, zou ik kunnen zeggen: 'Wie is de HEER?' En als ik arm zou zijn, zou ik stelen en de naam van mijn God te schande maken.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Jesaja 53:11
Na het lijden dat hij moest doorstaan, zag hij het licht en werd met kennis verzadigd. Mijn rechtvaardige dienaar verschaft velen recht, hij neemt hun wandaden op zich.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Leviticus 4:2
'Zeg tegen de Israëlieten: "Soms zondigt iemand onopzettelijk tegen een van de geboden van de HEER en doet hij onbedoeld iets dat niet toegestaan is.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
Richteren 17:2
Op zekere dag zei hij tegen zijn moeder: 'Laatst is er toch elfhonderd sjekel zilver van u gestolen? U hebt toen in mijn bijzijn een vloek uitgesproken. Dat geld heb ik, ik heb het gestolen.' 'Moge de HEER je zegenen, mijn zoon, 'antwoordde zijn moeder.
Gerelateerd aan Leviticus 5:1
1 Koningen 22:16
Hierop zei de koning: 'Hoe vaak heb ik u niet bezworen om in de naam van de HEER niets dan de waarheid tegen mij te spreken?'
1
2